Einde inhoudsopgave
Accountantsaansprakelijkheid (R&P nr. CA20) 2019/5.2.6
5.2.6 Gebruik maken van werkzaamheden van andere accountant of accountantsorganisatie
mr. J.E. Brink-van der Meer, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
mr. J.E. Brink-van der Meer
- JCDI
JCDI:ADS305340:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Algemeen
Juridische beroepen / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
CBb 11 september 2008, LJN BF0385.
CBb 11 september 2008, LJN BF0385, r.o. 4.5.
Voor het begrip groep in het licht van consolidatie verwijs ik naar artikel 2:406 BW. Artikel 2:406 lid 1 BW luidt: ‘De rechtspersoon die, alleen of samen met een andere groepsmaatschappij, aan het hoofd staat van zijn groep, stelt een geconsolideerde jaarrekening op, waarin opgenomen de eigen financiële gegevens met die van zijn dochtermaatschappijen in de groep, andere groepsmaatschappijen en andere rechtspersonen waarop hij een overheersende zeggenschap kan uitoefenen of waarover hij de centrale leiding heeft’.
De Jong (2010).
Tjong Tjin Tai (2010), § 11.
Een en ander is in lijn met het feit dat aangenomen wordt dat in een situatie ‘waarin de beroepsbeoefenaar de (gehele) uitvoering van de overeenkomst aan een derde overlaat’, sprake kan zijn van ‘een bijzondere vorm van bijstand door een hulppersoon’, Van Emden & De Haan (2014), § 4.2 Contractuele aansprakelijkheid voor hulppersonen.
In de nasleep van de Ahold boekhoudfraudezaak is Deloitte Nederland tuchtrechtelijk berispt, onder andere omdat zij niet af had mogen gaan op de door Deloitte US verrichte werkzaamheden.1
Het CBb overweegt: ‘De raad van tucht heeft geenszins geoordeeld dat de accountant in zijn algemeenheid niet mag afgaan op door Deloitte US verricht werk, maar dat in de onderhavige buitengewone omstandigheden die meebrengen dat specifieke controleopdrachten noodzakelijk zijn, niet zonder meer, zonder specifiek naar het controledossier van Deloitte US te kijken, het door Deloitte US verrichte werk als een toereikende grondslag mag worden aanvaard. Algemene kennis van de standaard controlemethoden van Deloitte wereldwijd en een algemene interne kwaliteitsreview zijn in de onderhavige buitengewone omstandigheden, onvoldoende.’2
De vraag is wie aansprakelijk is, indien een opdrachtpartner gebruik maakt van de werkzaamheden van een accountant van een vennootschap elders in het concern (hierna: groepsmaatschappij),3 die niet lid is van het opdrachtteam, en de accountant van de groepsmaatschappij een fout heeft gemaakt die wordt overgenomen door de opdrachtpartner (zie het slot van paragraaf 5.2.3 voor definities van ‘opdrachtpartner’ en ‘opdrachtteam’). NV COS 6004 stelt dat de opdrachtpartner, die gebruik maakt van de werkzaamheden van een accountant van een groepsmaatschappij, verantwoordelijk is voor de gebruikte informatie en legt hiermeesamenhangende zorgverplichtingen op aan de opdrachtpartner. De accountant van de groepsmaatschappij is daardoor een hulppersoon van de opdrachtpartner.5 Teneinde vast te stellen wie hulppersoon is, dient namelijk gekeken te worden wat de gebruikelijke werkzaamheden van de opdrachtnemer zijn. Gebruikelijke werkzaamheden zijn werkzaamheden waarvan ‘men als regel aanneemt dat de opdrachtnemer deze zelf uitvoert of voor zijn risico laat uitvoeren6’. Indien de opdrachtpartner gebruik maakt van werkzaamheden van de accountant van de groepsmaatschappij, is mijns inziens sprake van werkzaamheden waarvan men als regel aanneemt dat de opdrachtnemer deze zelf uitvoert of voor zijn risico laat uitvoeren. Is er sprake van een beroepsfout in de werkzaamheden van de accountant van de groepsmaatschappij dan is er sprake van een door een hulppersoon (de accountant van groepsmaatschappij) gemaakte fout bij de uitvoering van een aan de opdrachtnemer opgedragen verbintenis.7