Redelijkheid en billijkheid als gedragsnorm
Einde inhoudsopgave
Redelijkheid en billijkheid als gedragsnorm (R&P nr. CA6) 2012/2.1:2.1 Inleiding
Redelijkheid en billijkheid als gedragsnorm (R&P nr. CA6) 2012/2.1
2.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. P.S. Bakker, datum 01-12-2012
- Datum
01-12-2012
- Auteur
mr. P.S. Bakker
- JCDI
JCDI:ADS588501:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Vermogensrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Aldus ook Houben 2005, p. 221 (noot 15).
Zie in deze zin bijv. Schelhaas 2008, p. 150. Vgl. Royer 1972, p. 514. Vgl. voorts Cliteur/F,llian 2009, p. 142.
Vgl. Nieuwenhuis 1979 en Vranken 2000, als te vinden op http://arno.uvt.nl/show.cgi?fid=12935.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Tot op heden zijn zowel hier te lande als elders vele pogingen ondernomen om de gebondenheid van partijen aan het overeengekomene te verklaren. Tot eenstemmigheid in de doctrine heeft dit alles niet geleid.1 De verbrokkeldheid in het denken over gebondenheid wordt geillustreerd door het feit dat nu eens wordt uitgegaan van het (beweerdelijk) zelf-evidente karakter van deze gebondenheid• pacta sunt servanda en daarmee basta!2 Dan weer wordt getracht aan de hand van (een onderlinge afweging van verschillende) beginselen en/of gezichtspunten tot een verklaring voor gebondenheid te komen. Bekende representanten van deze laatste, genuanceerde aanpak zijn Vranken en Nieuwenhuis.3 Weer anderen zoeken de grondslag van gebondenheid in het belovende karakter van de overeenkomst: Anglo-Amerikaanse juristen als Fried en Atiyah, maar ook de Nederlandse rechtsgeleerde Paul Scholten kunnen tot deze stroming worden gerekend. Nog weer anderen menen dat het de rechtsorde is die de binding aan het overeengekomene verleent.