Einde inhoudsopgave
Executele (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2007/V.A
V.A. INLEIDING
Prof.mr. B.M.E.M. Schols, datum 07-12-2007
- Datum
07-12-2007
- Auteur
Prof.mr. B.M.E.M. Schols
- JCDI
JCDI:ADS402650:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeldart. 4:147 lid 2 en lid 3 BW
Blijkens een door de KNB gedaan onderzoek onder het Nederlandse notariaat wordt in 39% van de 'langstlevendentestamenten' (over het eerste halfjaar van 2003) gewerkt met een 'afwikkelingsbewindvoerder'. Deze enquete is gepubliceerdin het juli/augustusnummer van Notariaat Magazine 2003. Ook van een bank met een grote afdeling estate planning begreep ik dat het lijkt of het notariaat in de estate planningspraktijk massaal overgaat op de 'quasi-wettelijke verdeling'. Zie in deze ook de enquete in EstateTip Review 2004-36, Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Bijvoorbeeld bijW.M. KLEYN, Wat zijn de mogelijkheden voor een afwikkelingsbewindvoerder om zelf te verdelen?, JBN 2003, nr. 24, WG. HUIJGEN, Verdeling door de executeur-bewindvoerder?, WPNR (2004) 6587 enT.J. MELLEMA-KRANENBURG, Executele en bewind, preadvies KNB (2006), SDU Uitgevers: Den Haag, p. 209.
Gelet op het erfrechtelijk gesloten stelsel, is de belangstelling voor de testamentaire 'tenzijtjes' in de wet toegenomen.1 Wil men een uitgebreidere invulling aan de quasi-overeenkomst executele geven, dan dient men zijn heil, naast het bepaalde in art. 4:130 BW met name te zoeken in art. 4:171 BW. Daar staan de deuren van het erfrechtelijk gesloten stelsel immers wijd open. Sinds enkele jaren heeft de notariele praktijk2 dan ook de handen vol aan het zoeken naar de grenzen van het bekleden van de executeur nieuwe stijl met 'afwikkelingsbewind'. Dit, ons bij de invoering van het nieuwe erfrecht door de wetgever geschonken fenomeen, staat echter pas in de kinderschoenen en roept bij sommige auteurs vele vragen3 op. Aangezien bij onze Oosterburen aanverwante erfrechtelijke instituten als 'Testamentsvollstreckung' en 'Tei-lungsanordnung' niet meer weg te denken zijn, zal ik in dit hoofdstuk wederom een blik over de grens werpen. Specifieke vraagstukken waarop ik wil ingaan zijn:
De rol van de rechter bij minderjarige deelgenoten.
Heeft afwikkelingsbewindeen privatief karakter?
De verhouding tussen afwikkelingsbewind en testamentaire last.
Het al dan niet van toepassing zijn van het leerstuk 'ongeoorloofde delegatie'.
Ook zal op de toepassingsmogelijkheden van afwikkelingsbewind in de nota-riele praktijk worden ingegaan.