Einde inhoudsopgave
De notaris en gelijk oversteken (AN nr. 184) 2024/2.1
2.1 ‘De notaris en gelijk oversteken’
mr. T.J. Bos, datum 01-05-2023
- Datum
01-05-2023
- Auteur
mr. T.J. Bos
- JCDI
JCDI:ADS941681:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Ter illustratie van dit gegeven kan de ‘gelijk oversteken-service’ van het bekende handelsplatform Marktplaats.nl genoemd worden. Deze service brengt niet teweeg dat betaling en levering daadwerkelijk gelijktijdig geschieden; sterker nog, deze service kan slechts worden gebruikt indien een pakket wordt verzonden via postNL, oftewel, indien koper en verkoper dermate ver bij elkaar weg wonen dat van een daadwerkelijk gelijke oversteek geen sprake kan zijn. De ‘gelijk oversteken-service’ zorgt er ‘slechts’ voor dat de koper niet het risico loopt dat hij betaalt zonder levering te ontvangen, en vice versa. Met andere woorden: ‘gelijk oversteken’ slaat vooral op het resultaat, en niet zozeer op de methode om dit resultaat te bereiken.
In V. Tweehuysen, ‘Beslag of faillissement aan de zijde van de koper bij vastgoedtransacties’, WPNR 2018/7180, p. 96, merkt zij op: “De kwaliteitsrekening biedt die bescherming, omdat door het gebruik ervan aan het principe van ‘gelijk oversteken’ recht wordt gedaan”. M.M.G.B. van Drunen, ‘Vastgoedtransacties zonder kwaliteitsrekening’, WPNR 2018/7180, p. 131, schrijft: “De notaris zal daarbij de vraag krijgen of het toch mogelijk is enige mate van zekerheid te creëren, zodat de partijen zo dicht mogelijk bij het principe ‘gelijk oversteken’ blijven”. Zie hierover uitgebreider (in het bijzonder waarom het ‘gelijk oversteken-principe’ weinig met letterlijk gelijktijdig oversteken te maken heeft): hoofdstuk 2, deel 2 (publicatie 1), par. 4.3 en 4.4.
Het onderzoek is getiteld ‘De notaris en gelijk oversteken’, maar wat wordt precies hiermee bedoeld? ‘Gelijk oversteken’ kan op twee manieren worden geïnterpreteerd. Ten eerste is er de letterlijke interpretatie, waarin het vooral van belang is dat prestatie en wederprestatie (betaling en levering bijvoorbeeld) precies gelijktijdig geschieden. Dit onderzoek is echter niet beperkt tot de vraag in hoeverre het oversteken bij notariële transacties daadwerkelijk gelijktijdig plaatsvindt. De partijen bij een transactie zullen het in de regel belangrijker vinden dat het resultaat wordt bereikt dat beide partijen presteren, óf geen van beide. Hoe men tot dit resultaat geraakt – of dit nu plaatsvindt door middel van een daadwerkelijk gelijktijdige oversteek, of op een andere manier – is daarbij voor de partijen bij een transactie in beginsel irrelevant zolang het bovengenoemde resultaat wordt bereikt (en de bestede tijd en kosten voor het bereiken van dit resultaat niet té hoog zijn). Dit is de tweede, meer figuurlijke interpretatie van ‘gelijk oversteken’. Het resultaat dat beide partijen niet presteren lijkt moeilijk te rijmen met het gegeven dat beide partijen voornamelijk gebaat zijn bij daadwerkelijke nakoming van de verbintenis die op hun wederpartij rust, maar indien één der partijen om wat voor reden dan ook niet presteert, zal bij de wederpartij het verlangen bestaan om evenmin te presteren, of de reeds verrichte prestatie ongedaan te maken. De reden dat het boek de titel ‘De notaris en gelijk oversteken’ hanteert, luidt dat de term ‘gelijk oversteken’ in de volksmond vooral de tweede, meer figuurlijke betekenis kent; het gaat doorgaans om het bereiken van bovengenoemd resultaat.1 Ook de doctrine lijkt bij de vraag wat notarieel ‘gelijk oversteken’ inhoudt vooral te letten op het al dan niet bereikt worden van deze situatie.2
Om verwarring te voorkomen, definieer ik het bereiken van het bovengenoemde resultaat (in de volksmond en doctrine: ‘gelijk oversteken’) in het vervolg van dit hoofdstuk en in hoofdstuk 7 als (het succesvol bereiken van) een ‘wederkerige (niet) oversteek’, waarbij ‘wederkerig’ uitdrukt dat (het de bedoeling is dat) beide partijen jegens elkaar presteren, en ‘(niet)’ tot uitdrukking brengt dat (het ook juist de bedoeling kan zijn dat) beide partijen niet presteren, omdat bijvoorbeeld een van de partijen niet langer beschikkingsbevoegd is. In deze formulering ontbreekt het woord ‘(niet)’, indien dit – gezien de context – gepaster is.