Een rechtsvergelijking tussen de Nederlandse en Duitse winstbelasting van lichamen
Einde inhoudsopgave
Een rechtsvergelijking tussen de Nederlandse en Duitse winstbelasting van lichamen (FM nr. 153) 2018/9.3.5.1:9.3.5.1 In beginsel geen opgaan-in (gedachte)
Een rechtsvergelijking tussen de Nederlandse en Duitse winstbelasting van lichamen (FM nr. 153) 2018/9.3.5.1
9.3.5.1 In beginsel geen opgaan-in (gedachte)
Documentgegevens:
dr. F.J. Elsweier, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
dr. F.J. Elsweier
- JCDI
JCDI:ADS398324:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zowel de Organträger als de Organgesellschaft blijven (subjectief) zelfstandig belastingplichtig met een eigen winst- en verliesrekening en een eigen aangifte voor de Körperschaftsteuer. De winstberekening bij de Organträger en Organgesellschaft vindt dus op zelfstandige basis plaats. Het aangaan van een Organschaft heeft tot gevolg dat de winst van de Organgesellschaft volledig wordt toegerekend aan de Organträger of de Organträger het verlies van de Organgesellschaft aanzuivert. In beginsel zal de te belasten winst van de Organgesellschaft dus nihil zijn.
Het ontbreken van de opgaan-in-gedachte of enige consolidatie leidt er toe dat er een fiscale winst of verlies in aanmerking wordt genomen bij intercompany transacties en interne reorganisaties tussen de Organträger en Organgesellschaft.
Bijzonder is dat ten aanzien van de Duitse earningsstrippingmaatregel (Zinsschranke) een uitzondering wordt gemaakt en voor deze renteaftrekbeperking de Organträger en Organgesellschaft wel als één onderneming (geconsolideerd) worden gezien (§15 Nr. 3 KStG). Het fiscale gevolg hiervan is dat toepassing van een aftrekbeperking in binnenlandse situaties voorkomen kan worden door het aangaan van een Organschaft. Zoals in hoofdstuk 9.3.3.6.1 lijkt me dit aspect in strijd met de uitkomst van Groupe Steria.
Door het aangaan van een Organschaft kan ook de toepassing van de 95% deelnemingsvrijstelling vermeden worden. Binnen een Organschaft worden winsten overgemaakt op basis van het Gewinnabführungsvertrag. In plaats van een 5% bijheffing vindt er dan effectief geen belastingheffing plaats over deze uitgekeerde winsten aan de Organträger.