BNB 2011/279
Vaste inrichting in Nederland. Aanwezigheid onderneming. Het Hof is voorbijgegaan aan relevante stellingen van belanghebbende
HR 07-10-2011, ECLI:NL:HR:2011:BT6827
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
7 oktober 2011
- Magistraten
Mrs. D.G. van Vliet, C.B. Bavinck, J.A.C.A. Overgaauw, P.M.F. van Loon, M.A. Fierstra
- Zaaknummer
10/03466 en 10/03486
- LJN
BT6827
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting (V)
Internationaal belastingrecht / Heffingsbevoegdheid
- Brondocumenten
Beroepschrift, Hoge Raad, 07‑10‑2011
ECLI:NL:HR:2011:BT6827, Uitspraak, Hoge Raad, 07‑10‑2011
- Wetingang
Art. 5 Verdrag Nederland-België 2001 t.v.v.d.b.
Essentie
Vaste inrichting in Nederland. Aanwezigheid onderneming. Het Hof is voorbijgegaan aan relevante stellingen van belanghebbende
Samenvatting
Belanghebbende is een in België gevestigde vennootschap. Zij heeft goederen gekocht van een zustervennootschap en heeft die overgebracht naar de kelder van een aan haar toebehorend en door haar verhuurd pand in Nederland. Dit betreft onderwaterbehuizingen voor videocamera’s en onderwaterlampen ten behoeve van diepzeeopnames. De verkoop van de goederen is in 2002 in de jaarrekening van de zustervennootschap verwerkt. De goederen zijn in de jaarrekening van belanghebbende als voorraad opgenomen. In geschil is of deze goederen in het jaar 2003 konden worden gerekend ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.