Einde inhoudsopgave
Speaking the same language (AN nr. 181) 2023/2.4.4.2
2.4.4.2 De toepassing van de rule against inalienability’ bij de creatie van de ‘private express’ trust
1
mr. K.R. Filesia, datum 25-09-2023
- Datum
25-09-2023
- Auteur
mr. K.R. Filesia
- JCDI
JCDI:ADS717451:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Zie een uitgebreide uiteenzetting hierover: I. Dawson, ‘The rule against inalienability – a rule without a purpose?’, Legal Studies 2006/3, p. 420 e.v.
S. Bridge, E. Cooke & M. Dixon, Megarry & Wade: The Law of Real Property, London: Sweet & Maxwell 2019, nr. 8-147; G.W. Thomas & A. Hudson, The Law of Trust, Oxford: Oxford University Press 2010, p. 220; I. Dawson, ‘The rule against inalienability – a rule without a purpose?’, Legal Studies 2006/3, p. 415.
L. Tucker, N. Le Poidevin & J. Brightwell, Lewin on Trusts, London: Sweet & Maxwell 2020, nr. 6-143; S. Bridge, E. Cooke & M. Dixon, Megarry & Wade: The Law of Real Property, London: Sweet & Maxwell 2019, nrs. 6-148 t/m 6-150; P.S. Davies & G. Virgo, Equity & Trusts. Text, Cases and Materials, Oxford: Oxford University Press 2019, p. 115; R. Wilson, Halsbury’s Laws of England. Trusts and Powers (volume 98), London: LexisNexis 2019, nrs. 8 en 81; P. Matthews e.a., Underhill & Hayton. The Law of Trusts and Trustees, London: Butterworths/LexisNexis 2022, p. 253-254 en p. 269-270; C.C.J Mitchell, P.B. Matthews & D.J. Hayton, Underhill & Hayton. The Law of Trusts and Trustees, London: Butterworths/LexisNexis 2016, p. 185-186 en p. 288-289.
P.S. Davies & G. Virgo, Equity & Trusts. Text, Cases and Materials, Oxford: Oxford University Press 2019, p. 115; G.W. Thomas & A. Hudson, The Law of Trust, Oxford: Oxford University Press 2010, p. 220-222.
Section 18 van de Perpetuities and Accumulations Act 2009; L. Tucker, N. Le Poidevin & J. Brightwell, Lewin on Trusts, London: Sweet & Maxwell 2020, nr. 6-143; G. Virgo, The Principles of Equity & Trusts, Oxford: Oxford University Press 2020, p. 113; P.S. Davies & G. Virgo, Equity & Trusts. Text, Cases and Materials, Oxford: Oxford University Press 2019, p. 115; P. Matthews e.a., Underhill & Hayton. The Law of Trusts and Trustees, London: Butterworths/LexisNexis 2022, p. 270; G.W. Thomas & A. Hudson, The Law of Trust, Oxford: Oxford University Press 2010, p. 221-222.
The Law Commission, Item 7 of the Sixth Programme of the Law Reform: The Law of Trusts, 1998, p. 7.
Een belangrijke materiële beperking ten aanzien van de vervreemdbaarheid van goederen in het Anglo-Amerikaanse goederenrecht, behelst de zogenoemde ‘rule against inalienability’, ook wel de ‘rule against perpetual trusts’ genoemd. Volgens deze regel kunnen de goederen waarover wordt beschikt, niet voor een excessieve periode, dan wel voor onbepaalde tijd onvervreemdbaar worden gemaakt.2 In het Anglo-Amerikaanse trustrecht impliceert dit dat de goederen die onder trustverband zijn geplaatst, in het bijzonder de trustgoederen die aangewend worden ten behoeve van niet-charitatieve doeleinden, niet buiten de ‘perpetuity period’ onvervreemdbaar mogen zijn.3 Een gerechtigde dient derhalve de trustgoederen na het verstrijken van de ‘perpetuity period’, vrij van enige vervreemdingsbeperking te verkrijgen. Is er desalniettemin in strijd met de ‘rule against inalienability’ gehandeld en zijn de trustgoederen derhalve buiten de ‘perpetuity period’ onvervreemdbaar, dan is de trust nietig.4 In casu is de ‘perpetuity period’ de resterende levensduur van één of meer personen die bestaan vanaf het tijdstip dat de trust is opgericht – aangeduid als ‘life in being’ – plus 21 jaar.5 De ‘rule against inalienability’ is één van de instrumenten dat in het Anglo-Amerikaanse recht wordt toegepast, teneinde misbruik van ‘private express’ trusts ten behoeve van een niet-charitatief doel – ‘non-charitable purpose’ trusts –, te voorkomen.6