Het bestuursverbod bij de commanditaire vennootschap
Einde inhoudsopgave
Het bestuursverbod bij de commanditaire vennootschap (IVOR nr. 93) 2013/4.1:4.1 Inleiding
Het bestuursverbod bij de commanditaire vennootschap (IVOR nr. 93) 2013/4.1
4.1 Inleiding
Documentgegevens:
Mr. A.J.S.M. Tervoort, datum 11-07-2013
- Datum
11-07-2013
- Auteur
Mr. A.J.S.M. Tervoort
- JCDI
JCDI:ADS448662:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Rechtsgeschiedenis
Ondernemingsrecht / Personenvennootschappen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In dit hoofdstuk wordt onderzocht welke de historische oorsprong van het bestuursverbod is en welke ontwikkeling het sedertdien heeft doorgemaakt. Daarmee wordt beoogd te achterhalen wanneer en met welk doel het bestuursverbod zoals dat in het huidige Wetboek van Koophandel is geregeld, ooit is ontstaan en langs welke lijn het zijn huidige vorm heeft gekregen. Daartoe zal eerst in 4.2 de ontstaansgeschiedenis van de huidige wettelijke bepalingen over de commanditaire vennootschap worden besproken. Daaruit zal blijken dat deze, voor zover voor de regeling van het bestuursverbod relevant, via de Franse Code de Commerce van 1807 en de eveneens Franse Ordonnance de Commerce van 1673 teruggaat tot de regeling van de accomandita in de statuten, of stadswetten, van Noord-Italiaanse handelssteden als Florence, Pisa en Venetië in de 15e en 16e eeuw. In de daarop volgende onderdelen van dit hoofdstuk zal worden bezien of en zo ja, op welke wijze en met welk doel het bestuursverbod in elk van deze regelingen vorm heeft gekregen. Daarbij zal een chronologische volgorde worden aangehouden. In 4.3 zal dan ook als eerste de regeling van het bestuursverbod in de statuten van de Noord-Italiaanse handelssteden in de late Middeleeuwen inhoudelijk worden besproken. In 4.4 zal de regeling van het bestuursverbod in de Ordonnance de Commerce van 1673 worden behandeld. De wijze waarop het bestuursverbod in de Code de Commerce van 1807 is vormgegeven komt in 4.5 aan de orde, en de ontstaansgeschiedenis van de regeling van het bestuursverbod in het Wetboek van Koophandel van 1838 in 4.6 Afgesloten wordt met een conclusie.