Ontwikkelingen in het civielrechtelijk conservatoir beslag in Nederland
Einde inhoudsopgave
Ontwikkelingen in het civielrechtelijk conservatoir beslag in Nederland (BPP nr. XV) 2013/11.3:11.3 Research memorandum: onevenwichtigheid in de verhouding tussen beslaglegger en beslagene
Ontwikkelingen in het civielrechtelijk conservatoir beslag in Nederland (BPP nr. XV) 2013/11.3
11.3 Research memorandum: onevenwichtigheid in de verhouding tussen beslaglegger en beslagene
Documentgegevens:
mr. M. Meijsen, datum 27-05-2013
- Datum
27-05-2013
- Auteur
mr. M. Meijsen
- JCDI
JCDI:ADS499478:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Tijdens de Expert-Interviews werden de bevindingen over de redenen voor het geringe beroep dat op het opheffingskortgeding wordt gedaan als het belangrijkste nieuwe gezichtspunt en reden voor een bewuster benadering genoemd.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De vaststelling dat de ontwikkelingen in de regeling van conservatoir beslag overwegend hebben geleid tot een versterking van de positie van de beslaglegger deed de vraag rijzen wat de invloed hiervan op de werking van de regeling in de praktijk betekende. Vooral de reden voor het geringe beroep op het opheffingskortgeding, dat ook binnen de Rechtspraak algemeen beschouwd wordt als een belangrijke, zo niet de belangrijkste waarborg voor de beslagene, heeft bij voorzieningenrechters die werkzaam zijn in de conservatoir beslag praktijk, bijgedragen aan het inzicht dat de positie van de beslagene die goede redenen heeft om zich tegen een beslag te verweren, netelig is.1 Deze constatering, in onderlinge samenhang met een weinig diepgaande beoordeling van beslagrekesten en een moeizame weg bij het vorderen van schadevergoeding na onterecht beslag heeft geleid tot een situatie van onevenwichtigheid in de verhouding tussen beslaglegger en beslagene. De theoretisch aanwezige waarborgen voor de beslagene blijken in de praktijk onvoldoende tot hun recht te komen.