Klachtdelicten
Einde inhoudsopgave
Klachtdelicten (SteR nr. 65) 2024/1.3.1:1.3.1 Onderzoeksmethode
Klachtdelicten (SteR nr. 65) 2024/1.3.1
1.3.1 Onderzoeksmethode
Documentgegevens:
J.L.F. Groenhuijsen, datum 13-02-2024
- Datum
13-02-2024
- Auteur
J.L.F. Groenhuijsen
- JCDI
JCDI:ADS946097:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het onderzoek ten behoeve van de beantwoording van de hiervoor omschreven hoofd- en deelvragen is gegrond op bestudering van de wet, de wetsgeschiedenis, de jurisprudentie en de rechtsliteratuur. Het onderzoek is hoofdzakelijk gestoeld op strafrechtelijke bronnen, maar waar nodig is ook materiaal dat betrekking heeft op andere rechtsgebieden in het onderzoek betrokken.
Het gekozen startpunt voor de inventarisatie van literatuur is gelegen bij de Nederlandse wetsgeschiedenis en literatuur daterend uit de negentiende eeuw die meer licht doen schijnen op de ontstaansgeschiedenis van klachtdelicten in het Nederlandse strafrecht. Enerzijds is vanaf dit startpunt een blik ‘terug’ geworpen op hetgeen heeft geleid tot invoering van het klachtvereiste. Anderzijds is met de blik ‘vooruit’ bezien hoe klachtdelicten zich sinds de invoering hebben ontwikkeld en hoe daaraan in de praktijk invulling is gegeven. In dat kader gaat ook aandacht uit naar de vormgeving van het (vervolgings)beleid van het openbaar ministerie en naar jurisprudentie over de toepassing van het klachtvereiste.
De hiervoor vermelde vraagpunten zijn vanuit een positiefrechtelijke invalshoek onderzocht en deze dissertatie bevat rechtshistorische, rechtstheoretische en juridisch-dogmatische beschouwingen. In de navolgende paragraaf wordt de invulling van het onderzoek – en de uiteenlopende wijze waarop het onderwerp wordt benaderd – meer precies per hoofdstuk geduid.