Einde inhoudsopgave
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/8.2.4.2.4.1
8.2.4.2.4.1 Abbey National I-arrest
mr. dr. M.D.J. van der Wulp, datum 01-07-2021
- Datum
01-07-2021
- Auteur
mr. dr. M.D.J. van der Wulp
- JCDI
JCDI:ADS291364:1
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Vrijstelling
Europees belastingrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
HvJ EG 22 februari 2001, zaak C-408/98, V-N 2001/15.26 (Abbey National I).
Conclusie A-G Jacobs 13 april 2000, zaak C-408/98, ECLI:EU:C:2000:207, punt 15 (Abbey National I) in de oorspronkelijke taal, het Engels.
Conclusie A-G Jacobs 13 april 2000, zaak C-408/98, ECLI:EU:C:2000:207, punt 11 (Abbey National I). De opvatting van Cornielje dat het Hof er in deze zaak aan voorbijgegaan zou zijn dat de overdracht in beginsel een dienst is waarop niet art. 19 Btw-richtlijn, maar art. 29 Btw-richtlijn van toepassing is (S.B. Cornielje, Fusies en overnames in de Europese BTW (diss.), Deventer: Wolters Kluwer 2016, p. 81), acht ik daarom niet juist.
In die zin: S.T.M. Beelen, Aftrek van BTW als (belaste) omzet ontbreekt (diss.), Deventer: Kluwer 2010, p. 129, A. van Doesum en G.J. van Norden, ‘The Right To Deduct under EU VAT’, International VAT Monitor September/October 2011, p. 328, A.J. van Doesum en H.W.M. van Kesteren, ‘De onlosmakelijke samenhang tussen kosten en belastbare handelingen’, WFR 2012/6960, p. 894 en S.B. Cornielje, Fusies en overnames in de Europese BTW (diss.), Deventer: Wolters Kluwer 2016, p. 249.
H.W.M. van Kesteren, ‘Directe en algemene kosten in de btw’, WFR 2008/6757, p. 324 en A.J. van Doesum, Contractuele samenwerkingsverbanden in de BTW (diss.), Deventer: Kluwer 2009, p. 253-254.
Het Abbey National I-arrest1 is tot op heden het enige arrest van het Hof van Justitie waarin de rechtstreekse en onmiddellijke samenhang van algemene kosten met een ‘duidelijk afgebakend gedeelte van de bedrijfsactiviteit’ aan bod is gekomen. Omdat het in deze zaak bovendien ging om een vastgoedtransactie verdient dit arrest in het kader van dit onderzoek nadere aandacht. In deze zaak ging het om Scottish Mutual Assurance plc (hierna: SMA), een volledige dochtervennootschap van Abbey National. SMA was opgenomen in een fiscale eenheid met Abbey National die zowel belaste als vrijgestelde handelingen verrichtte. SMA verricht vrijgestelde verzekeringsdiensten. Daarnaast verhuurde SMA ook gebouwen voor bedrijfsdoeleinden waarbij werd gekozen voor belaste verhuur. In het kader van deze verhuuractiviteit (‘commercial property-letting business’2) kocht en verkocht SMA af en toe (rechten op) onroerend goederen. Een van die (rechten op) onroerende goederen betrof Atholl House in Aberdeen, dat SMA vanaf 1976 voor 125 jaar had geleaset en dat voor 40 jaar was gesubleaset aan bedrijven. In 1993 heeft SMA haar rechten krachtens de 125-jarige lease en die uit hoofde van de sublease verkocht aan een derde, met voortzetting van het bedrijf door de koper die ook voor belaste lease heeft gekozen. De overdracht van de rechten krachtens de 125-jarige lease en die uit hoofde van de sublease kwalificeerde op grond van het recht van het Verenigd Koninkrijk in beginsel als een levering.3 Echter, omdat – hetgeen niet in geschil was – sprake was van de overgang van een gedeelte van een algemeenheid van goederen als bedoeld in (thans) art. 19 Btw-richtlijn werd de vastgoedtransactie door SMA conform het niet-leveringsbeginsel niet als een levering beschouwd. De btw op de kosten in verband met de overdracht was volledig in aftrek gebracht. Door de fiscus werd die volledige aftrek betwist. Omdat de overdracht geen belastbare handeling was, was volledige btw-aftrek niet mogelijk. Naar de mening van de fiscus dienden de kosten in verband met de overdracht als algemene kosten van de gehele bedrijfsactiviteit te worden beschouwd. Dit standpunt betekende dat slechts recht bestond op gedeeltelijke btw-aftrek.
Het Hof van Justitie stelt in deze zaak eerst vast dat de kosten niet rechtstreeks en onmiddellijk samenhangen met een of meer belaste handelingen in een later stadium, omdat de overdracht van een gedeelte van een algemeenheid van goederen op grond van (thans) art. 19 Btw-richtlijn geen levering is (de eerste stap). Hieruit volgt niet dat deze overdracht een onbelastbare handeling is.4 Door de toepassing van (thans) art. 19 Btw-richtlijn was er in de zaak Abbey National geen (uitgaande) handeling en dus ook geen onbelastbare handeling. Het Hof vervolgt dat om die reden in beginsel sprake is van algemene kosten die rechtstreeks en onmiddellijk samenhangen met de gehele bedrijfsactiviteit (de tweede stap). Vervolgens creëert het Hof de ruimte voor een stap tussen de eerste en tweede stap door te wijzen op het Midland Bank-arrest waarin het heeft geoordeeld dat een belastingplichtige die zowel belaste als vrijgestelde handelingen verricht toch recht op btw-aftrek heeft indien de kosten rechtstreeks en onmiddellijk samenhangen met één of meer belaste handelingen in een later stadium. Deze regel moet volgens het Hof van Justitie eveneens worden toegepast op algemene kosten betreffende een gedeelte van een bedrijfsactiviteit dat duidelijk is afgebakend (in deze zaak: de verhuuractiviteit), omdat deze kosten rechtstreeks en onmiddellijk verband houden met dat gedeelte van zijn economische activiteit. Het Hof licht niet toe wat verstaan moet worden onder een ‘duidelijk afgebakend gedeelte van een economische activiteit’. Niettemin is uit het arrest wel af te leiden dat een gedeelte van een onderneming dat afzonderlijk kan worden geëxploiteerd als zodanig kwalificeert.5 Vanuit het oogpunt van de inwendige neutraliteit is de uitkomst in het Abbey National I-arrest naar mijn mening wenselijk. Het Hof heeft er immers een stokje voor gestoken dat deels btw drukt op de belastingplichtige die zowel belaste als vrijgestelde handelingen verricht, maar de goederen of diensten uitsluitend heeft verworven ten behoeve van een afgebakend gedeelte van zijn bedrijfsactiviteit met uitsluitend belaste handelingen.