Bewijsrecht in fiscale bestuurlijke boetezaken
Einde inhoudsopgave
Bewijsrecht in fiscale bestuurlijke boetezaken (FM nr. 180) 2024/4.3.9:4.3.9 Keuze, weging en waardering van bewijsmiddelen
Bewijsrecht in fiscale bestuurlijke boetezaken (FM nr. 180) 2024/4.3.9
4.3.9 Keuze, weging en waardering van bewijsmiddelen
Documentgegevens:
mr. drs. A. Heidekamp, datum 13-10-2023
- Datum
13-10-2023
- Auteur
mr. drs. A. Heidekamp
- JCDI
JCDI:ADS940308:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht (V)
Fiscaal procesrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Schuurmans 2005, p. 21 en 273.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De bepaling van de overtuigingskracht van het bewijsmateriaal is een taak van de rechter. De rechter toetst de bewijswaardering door het bestuursorgaan in volle omvang. Opnieuw geldt de vrije bewijsleer: de rechter is geheel vrij in de keuze, weging en waardering van de bewijsmiddelen. Hij oordeelt daarover geheel los van het oordeel van het bestuursorgaan.1