FED 2022/88
Vruchtgebruik verkregen krachtens Franse ‘donation entre vifs à titre de partage anticipé’ is niet gedefiscaliseerd.
HR 22-10-2021, ECLI:NL:HR:2021:1574, m.nt. prof. dr. A.E. de Leeuw
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
22 oktober 2021
- Magistraten
Mrs. Koopman, Wortel, Beukers-van Dooren, Boerlage, Cools
- Zaaknummer
20/03660
- Noot
prof. dr. A.E. de Leeuw
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS659788:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Vermogensrendementsheffing (box 3)
Schenk- en erfbelasting / Erfbelasting
Inkomstenbelasting / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2021:1574, Uitspraak, Hoge Raad, 22‑10‑2021
Beroepschrift, Hoge Raad, 22‑10‑2021
ECLI:NL:PHR:2021:584, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 20‑05‑2021
- Wetingang
Art. 5.4 lid 3 aanhef en onderdeel a Wet IB 2001
Essentie
Vruchtgebruik verkregen krachtens Franse ‘donation entre vifs à titre de partage anticipé’ is niet gedefiscaliseerd.
Samenvatting
De ouders van belanghebbende dragen in 2011 hun Franse woning over aan belanghebbende onder het voorbehoud van vruchtgebruik, op grond van de Franse rechtsfiguur ‘donation entre vifs à titre de partage anticipé’. De vader van belanghebbende overlijdt vervolgens in 2012. Het geschil heeft betrekking op de vraag of op de hierna ontstane situatie, moeder die langstlevende echtgenoot is en het vruchtgebruik heeft op de woning, terwijl belanghebbende de bloot eigenaar is, de defiscaliseringsregels van artikel 5.4 Wet IB 2001 van toepassing ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.