Einde inhoudsopgave
Aandeelhoudersverantwoordelijkheid (VDHI nr. 129) 2015/4.4.4
4.4.4 Totstandkoming besluiten van algemene vergadering van aandeelhouders
Mr. B. Kemp, datum 21-07-2015
- Datum
21-07-2015
- Auteur
Mr. B. Kemp
- JCDI
JCDI:ADS299016:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Besluiten zijn geen overeenkomsten. Mendel en Oostwouder wijzen op een drietal redenen waarom besluiten geen overeenkomsten zijn, namelijk: (i) besluiten kunnen worden genomen door een eenhoofdig orgaan, terwijl voor overeenkomsten twee partijen nodig zijn, (ii) besluiten kunnen (doorgaans) bij meerderheid worden genomen, terwijl voor een overeenkomst alle partijen het eens dienen te zijn en (iii) bij een overeenkomst beogen partijen onderling een rechtsbetrekking te vestigen, bij een besluit formuleert het orgaan een wilsverklaring van de rechtspersoon (Mendel & Oostwouder 2013-1, p. 77).
Mendel & Oostwouder 2013-1, p. 77. Zie in dit verband eveneens: Van Schilfgaarde/Winter & Wezeman 2013, nr. 91; Slagter 2005, p. 61.
Mendel & Oostwouder 2013-1, p. 77. Slagter formuleert in dit verband vier fases met betrekking tot de procedure van besluitvorming, namelijk: (i) gedachtewisseling, (ii) het uitbrengen van de stem, (iii) de interne besluitvorming en (iv) de uitvoering van het besluit (Slagter 2005, p. 62).
HR 8 november 1991, NJ 1992, 174 m.nt Maeijer (Nimox/Van den End q.q.).
Tenzij het besluit direct externe werking heeft. Zie in dit verband Huizink 2012 (Groene Serie Rechtspersonen), Art. 14, Aant. 6.3.
Slagter 2005, p. 61. Slagter wijst in dit verband op: HR 19 oktober 2001, JOR 2002, 1 m.nt. Blanco Fernández. Zie in het bijzonder ook de (voornoemde) annotatie van Blanco Fernández bij het arrest.
Tot slot dient te worden stilgestaan bij de totstandkoming van besluiten,1 omdat dit immers een, zo niet het, essentiële onderdeel van de taak van de algemene vergadering, en het orgaan in het algemeen is.
Een omschrijving van wat een besluit is, wordt gegeven door Mendel en Oostwouder:
‘Een besluit in de zin van art. 14 t/m 16 is een op rechtsgevolg gerichte wilsverklaring van een orgaan, een rechtshandeling van de vennootschap dus. Het besluit is een eenzijdige rechtshandeling indien het wordt genomen door een orgaan dat slechts uit één persoon bestaat, en een meerzijdige rechtshandeling indien het betrokken orgaan uit meerdere rechtspersonen bestaat, wat meestal het geval zal zijn.’2
Een besluit wordt dus genomen door een orgaan. Het orgaan komt tot een besluit doordat de (aanwezige) leden stemmen naar aanleiding van een stemvoorstel. Het gewenst besluit komt tot stand wanneer de door de wet of statuten vereiste meerderheid voor het stemvoorstel stemt. Het stemmen is dus een voorbereidende (rechts)handeling voor de totstandkoming van het besluit.3 De totstandkoming van besluiten wordt, voor de algemene vergadering van aandeelhouders, uitgebreid geregeld in de statuten en wet. Het stemmen door de aandeelhouder in de algemene vergadering van aandeelhouders is, in tegenstelling tot het besluit van een orgaan, geen rechtshandeling van de vennootschap zelf.4
Een besluit komt intern tot stand en heeft derhalve in beginsel slechts interne werking.5 Pas wanneer het besluit door hetzelfde of een ander orgaan van de vennootschap wordt uitgevoerd, heeft het besluit externe werking. Dit onderscheid is van belang, omdat een intern besluit nog ongedaan kan worden gemaakt.6