Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/1080
Medeplegen voorbereidingshandelingen met zeilboten m.b.t. invoer cocaïne (art. 10a (oud) en 11a (oud) Opiumwet), deelname criminele organisatie met dit oogmerk (art. 140 Sr) en medeplegen witwassen (art. 420bis Sr). Vrijspraak in eerste aanleg (van aantal feiten). 1. Opzet feiten 1 en 2? 2. Medeplegen feit 1? 3. Concrete, min of meer verifieerbare en niet op voorhand als hoogst onwaarschijnlijk aan te merken verklaring over herkomst geld? 4. Aanvulling met bewijsmiddelen op verkorte arrest niet ondertekend? HR: 1, 2 en 3: om redenen vermeld in CAG leiden middelen niet tot cassatie. 4. HR: art. 81 lid 1 RO. Volgt verwerping. Samenhang met RvdW 2025/1078, RvdW 2025/1079, RvdW 2025/1081 en RvdW 2025/1091.
HR 30-09-2025, ECLI:NL:HR:2025:1395
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
30 september 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, T. Kooijmans, C.N. Dalebout
- Zaaknummer
22/04631
- Conclusie
A-G mr. B.F. Keulen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Opiumwet
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1395, Uitspraak, Hoge Raad, 30‑09‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:1035, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 15‑07‑2025
Essentie
Medeplegen voorbereidingshandelingen met zeilboten m.b.t. invoer cocaïne (art. 10a (oud) en 11a (oud) Opiumwet), deelname criminele organisatie met dit oogmerk (art. 140 Sr) en medeplegen witwassen (art. 420bis Sr). Vrijspraak in eerste aanleg (van aantal feiten). 1. Opzet feiten 1 en 2? 2. Medeplegen feit 1? 3. Concrete, min of meer verifieerbare en niet op voorhand als hoogst onwaarschijnlijk aan te merken verklaring over herkomst geld? 4. Aanvulling met bewijsmiddelen op verkorte arrest niet ondertekend? HR: 1, 2 en 3: om redenen vermeld in CAG leiden middelen niet tot cassatie. 4. HR: art. 81 ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.