V-N 2026/6.24
Kosten parkeerautomaten en parkeerapps mogen worden verhaald via naheffingsaanslagen parkeerbelasting
HR 23-01-2026, ECLI:NL:HR:2026:24, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
23 januari 2026
- Magistraten
Van Eijsden, Feteris, Boerlage, Van der Voort Maarschalk, Van Roij
- Zaaknummer
23/04460
24/02548
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD43447:1
- Vakgebied(en)
Belastingen van lagere overheden / Gemeentelijke belastingen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:100, Uitspraak, Hoge Raad, 23‑01‑2026
ECLI:NL:HR:2026:24, Uitspraak, Hoge Raad, 23‑01‑2026
ECLI:NL:PHR:2024:1117, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑10‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:1116, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑10‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:1113, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑10‑2024
- Wetingang
Art. 234 Gemw
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat de kosten van gemeentelijke parkeerautomaten en parkeerapps dusdanig samenhangen met de inning van niet-betaalde parkeerbelasting dat zij mogen worden toegerekend aan de inning van deze belasting. Die kosten mogen daarom geheel of gedeeltelijk in rekening worden gebracht bij het opleggen van (de kostencomponent van) naheffingsaanslagen parkeerbelasting.
Samenvatting
X is het niet eens met een naheffingsaanslag parkeerbelasting van de gemeente Den Haag, bestaande uit € 2 aan nageheven belasting en € 67,30 aan naheffingskosten.
De Hoge Raad oordeelt dat de kosten van gemeentelijke parkeerautomaten en parkeerapps dusdanig samenhangen met de inning van niet-betaalde parkeerbelasting dat ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.