Verbondenheid in het belastingrecht
Einde inhoudsopgave
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/5.3.2:5.3.2 Geregistreerd partnerschap
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/5.3.2
5.3.2 Geregistreerd partnerschap
Documentgegevens:
Dr. R.N.F. Zuidgeest, datum 20-11-2008
- Datum
20-11-2008
- Auteur
Dr. R.N.F. Zuidgeest
- JCDI
JCDI:ADS604161:1
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht / Bijzondere onderwerpen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Kamerstukken II 1994/95, 22 700, nr. 5, p. 12.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In Titel 5A Boek 1 BW zijn de bepalingen ten aanzien het geregistreerd partnerschap opgenomen, dat hiermee eveneens een wettelijk erkende samenlevingsvorm is. In de notitie ‘Leefvormen’ is als uitgangspunt gehanteerd dat een ieder de mogelijkheid moet hebben om zijn of haar lotsverbondenheid met een ander juridisch vast te leggen en publiekelijk erkend te zien.1 Op basis van art. 1:80a BW lid 1 BW staat het geregistreerd partnerschap daarom open voor personen van hetzelfde, of van het andere geslacht.
Voor het aangaan van een geregistreerd partnerschap gelden op basis van art. 1:80a BW uitwendige, formele vereisten die vergelijkbaar zijn met die welke gelden voor het huwelijk. Op basis van art. 80a lid 6 BW gelden bovendien dezelfde inwendige vereisten als voor het huwelijk. Naar analogie van art. 1:41 lid 1 BW kan bijvoorbeeld geen geregistreerd partnerschap worden aangegaan tussen personen tussen wie een te nauwe bloedverwantschap bestaat. In art. 1:80a lid 1 BW is voorts bepaald dat een persoon slechts met één andere persoon tegelijkertijd een geregistreerd partnerschap kan aangaan. Op basis van art. 1:80a lid 2 BW kan een geregistreerd partner ook niet tegelijkertijd gehuwd zijn. Ingevolge art. 1:77a BW kan een huwelijk wel worden omgezet in een geregistreerd partnerschap.
Op basis van art. 1:80b BW zijn de rechten en verplichtingen van echtgenoten die voortvloeien uit Titel 6 Boek 1 BW, alsmede de in paragraaf 5.3.2. genoemde regels ten aanzien van het huwelijksvermogensrecht, ook van toepassing op geregistreerde partners.
Art. 1:80c BW beschrijft op welke wijze het geregistreerd partnerschap wordt beëindigd. Dit is onder meer het geval bij de dood van een van de partners, met wederzijds goedvinden door inschrijving van een door de partners en één of meer advocaten of notarissen ondertekende en gedateerde beëindigingverklaring door de ambtenaar van de burgerlijke stand, door ontbinding op verzoek van één van de partners, of door omzetting van het geregistreerd partnerschap in een huwelijk.