BNB 2020/28
Aftrek specifieke zorgkosten die worden betaald na overlijden belastingplichtige
HR 06-12-2019, ECLI:NL:HR:2019:1905, m.nt. G.T.K. Meussen
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
6 december 2019
- Magistraten
Mrs. De Groot, Overgaauw, Fierstra, Beukers-van Dooren, Cools
- Zaaknummer
19/00788
- Conclusie
A-G Niessen
- Noot
G.T.K. Meussen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS182144:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Persoonsgebonden aftrek
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2019:1905, Uitspraak, Hoge Raad, 06‑12‑2019
ECLI:NL:PHR:2019:1027, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑10‑2019
Beroepschrift, Hoge Raad, 27‑03‑2019
- Wetingang
Art. 6.40 Wet IB 2001
Essentie
Aftrek specifieke zorgkosten die worden betaald na overlijden belastingplichtige
Samenvatting
De moeder van belanghebbenden is in 2015 overleden. In de laatste weken van haar leven zijn zorgkosten gemaakt die belanghebbenden na haar overlijden uit de onverdeelde boedel hebben betaald. Voor het Hof was in geschil of die kosten aftrekbaar zijn op het inkomen van erflaatster. Het Hof heeft die vraag bevestigend beantwoord.
HR: Er is sprake van specifieke zorgkosten als bedoeld in de wet. Het moment van betalen – na overlijden – is een beletsel om die kosten op het inkomen van de overledene in aftrek te brengen. De kosten ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.