Biases in de boardroom en de raadkamer
Einde inhoudsopgave
Biases in de boardroom en de raadkamer (VDHI nr. 160) 2020/5.1:5.1 Inleiding
Biases in de boardroom en de raadkamer (VDHI nr. 160) 2020/5.1
5.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. drs. C.F. Perquin-Deelen, datum 20-11-2019
- Datum
20-11-2019
- Auteur
mr. drs. C.F. Perquin-Deelen
- JCDI
JCDI:ADS111463:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Hof Amsterdam (OK) 2 november 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:4454 (Meavita).
Voor een bredere bespreking verwijs ik naar: Gussinklo 2011; De Groot 2016.
Zie voor andere voorbeelden: Hermans 2017, p. 481-482, 484-486.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In hoofdstuk 4 ben ik ingegaan op de rechterlijke taakuitoefening (par. 4.2) en de wijze waarop het rechterlijk oordeel onder invloed staat van het onbewuste. Ik heb in hoofdstuk 4 de invloed onderzocht van confabulatie (par. 4.3.1), de indruk van een rechter (par. 4.3.2) en de emoties van de rechter (par. 4.3.3). In dit hoofdstuk staat wederom de invloed van het onbewuste van de rechter centraal, maar dit keer ligt de focus specifiek op biases die samenhangen met ‘terugkijken’. Terugkijken is inherent aan het rechterlijk oordeel. De rechter moet in de meeste gevallen immers oordelen over een voorbije gang van zaken. Denk daarbij aan of al dan niet sprake is van onbehoorlijk bestuur in de zin van bestuurdersaansprakelijkheid (bijvoorbeeld art. 2:9 BW; art. 2:138/248 BW), of sprake is van gegronde redenen om te twijfelen aan een juist beleid of juiste gang van zaken in het kader van het toewijzen van een enquêteverzoek (art. 2:350 lid 1 BW) en of sprake is van wanbeleid (art. 2:355 lid 1 BW).
De vormen van mentale misleiding die in dit hoofdstuk aan bod komen, zijn hindsight bias (par. 5.3) en in onderlinge samenhang het Knobe-effect (par. 5.4). Voordat ik toekom aan het behandelen van deze biases bespreek ik kort de aanleiding voor dit onderzoek: de OK-beschikking inzake Meavita.1 Daarbij merk ik op dat ik enkel de elementen uit de Meavita-casus bespreek die relevant zijn in het kader van de mentale misleiding.2 Ik bespreek de gevolgen van mentale misleiding (par. 5.5) en sluit af met enkele aanbevelingen (par. 5.6) die bestaan naast de aanbevelingen uit par. 4.4. Hindsight bias en het Knobe-effect pas ik toe op de Meavita-casus, maar ook in andere zaken waar de rechter ‘terugkijkt’ bestaat het risico op hindsight bias en het Knobe-effect.3