Einde inhoudsopgave
Beschadigd vertrouwen 2021/7.6.2.1
7.6.2.1 Inspraakmogelijkheden
G.M. Kuipers MSc, datum 01-09-2021
- Datum
01-09-2021
- Auteur
G.M. Kuipers MSc
- JCDI
JCDI:ADS480633:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
Smit & Van Gunsteren 1997.
Rapport Algemene Rekenkamer 2004, p. 57.
Rapport van bevindingen Klachtenbehandeling 2005, p. 12.
GIS Voortgangsrapport 4 2006, p. 6.
Stcrt. 1997, nr. 47, p. 13.
Regeling geluidwerende voorzieningen 1997, Stcrt. 1997, nr. 47, p. 8-9
Bekebrede 2019, p. 16.
Stcrt. 1999, nr. 30, p. 2.
Van den Broek 2014, p. 22-23.
Rb. Noord-Holland 27 maart 2017, ECLI:NL:RBNHO:2017:2323.
Stcrt. 2012, nr. 8910, p. 5.
Andriessen, AD/Groene Hart 18 januari 2018; Boele, Haarlems Dagblad 17 januari 2018; Stil, Het Parool 18 januari 2018.
Stcrt. 2009, nr. 14721; Bestemmingsreglement 2016; Draaiboek werkwijze Gebiedsgerichte projecten 2017; Stil, Het Parool 18 januari 2018.
Boele, Haarlems Dagblad 20 november 2018.
De geluidsisolatieprojecten rondom Schiphol werden hiërarchisch vastgesteld; bewoners moesten zich voegen naar de opzet van de overheid.1 Toch is op verschillende manieren tegemoetgekomen aan de wensen van omwonenden gedurende de drie GIS-projecten. Zo werd door bewoners gewenste partiële isolatie door de minister toegestaan, terwijl dit in de oorspronkelijke opzet was uitgesloten.2 Ook wijzigde de staatssecretaris de opzet van GIS-3 als subsidiemodel naar aanleiding van overleggen die zij met de sector en bewoners (-organisaties) heeft gevoerd.3 Bij GIS-3 werden verdere inspraakmogelijkheden geboden aan de omwonenden (zoals de introductie van zienswijzen), die zij op prijs stelden.4 Doel was zowel om draagvlak te verkrijgen als om suggesties in te winnen over de uitvoering van het project.5 Bij alle geluidsisolatieprojecten hadden bewoners inspraak over de specifieke maatregelen voor hun eigen woning, aangezien de GIS-projecten wijzigingen aan privébezit realiseerden.6 Tijdens GIS-1 werkte men een Voorlopig, Ontwerp en Definitief Isolatieplan om meerdere inspraakmomenten te bieden, hoewel hier later van werd afgestapt omdat bewoners en bestuur het proces te moeizaam vonden.7
Ook de opzet van de nadeelcompensatie- en planschadevergoedingen via het Schadeschap waren aanvankelijk door de samenwerkende overheden georganiseerd zonder inspraak. Bij de strategiewijziging vanaf 2012 hechtte de nieuwe secretaris van het Schap veel waarde aan ‘intensief overleg met betrokkenen en belanghebbenden’ omdat ‘hun kennis en ideeën essentieel zijn om verbetermaatregelen vorm te geven.’8 De schadeprocedure zelf kende vanaf de start een expliciete inspraakmogelijkheid: de adviescommissie kwam met een conceptadvies waarop de verzoeker kon reageren alvorens een definitief advies werd uitgebracht.9 Deze mogelijkheid tot inspraak werd door verzoekers gewaardeerd,10 maar zorgde tevens voor veel vertraging.11 In de procedure vanaf 2012 werd deze stap overgeslagen, maar werden verzoekers in de gelegenheid gesteld om op het uitgebrachte advies te reageren alvorens de besliscommissie haar besluit nam.12
Hoewel bewonersvertegenwoordigers betrokken waren bij het opstellen van het Aldersakkoord, waren zij minder betrokken bij de uitvoering van de leefbaarheidsmaatregelen via de Stichting Leefomgeving Schiphol. In de evaluatie uit 2013 werd aangeraden om meer aandacht te besteden aan ‘verbeteren van de afstemming en communicatie’13 met bewoners. Volgens de bewonersdelegatie uit de Omgevingsraad deed de Stichting onvoldoende aan de gewenste ‘proactieve consultatie’14 waardoor de vertegenwoordigers de aankondiging van de verdeling van gelden begin 2018 boycotten.15 Volgens het bestuur van de Stichting waren andere betrokken bewoners juist wel enthousiast over de gekozen werkwijze en de bottom-up aanpak die de Stichting tijdens de tweede tranche toepaste.16 Volgens mediaberichten zijn uitgevoerde projecten veelal mede op initiatieven van dorpsraden en bewoners tot stand gekomen.17 Ook bij individuele gedupeerden probeerde de Stichting via direct contact met aanvragers tot passende oplossingen te komen. Hoewel de Stichting zich tijdens de tweede tranche dus meer op participatie richtte, lijkt de uitwerking hiervan niet door iedereen op prijs te worden gesteld.