Einde inhoudsopgave
Vertrouwen voorop (IVOR nr. 114) 2019/6.5
6.5 De kosten van extern onafhankelijk toezicht op accountantsorganisaties
E.V.A. Eijkelenboom, datum 01-05-2019
- Datum
01-05-2019
- Auteur
E.V.A. Eijkelenboom
- JCDI
JCDI:ADS603728:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Ondernemingsrecht / Jaarrekeningenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie voor een toelichting op deze wetswijziging Kamerstukken II, 2013/14, 33957, 3. De Wijziging van de Wet bekostiging financieel toezicht in verband met de afschaffing van de overheidsbijdrage, de invoering van Europees bankentoezicht en de bestemming van door de Autoriteit Financiële Markten en de Nederlandsche Bank opgelegde dwangsommen en boetes is (op onderdelen) per 1 januari 2015 in werking getreden, Stb. 2014, 533. Bij de waardering van het AFM-toezicht bij de evaluatie van de Wta werd een gedeelte van de kosten van het toezicht op accountantsorganisaties nog gedragen door de overheid, Eijkelenboom en Hijink 2014, p. 147-148.
Zie art. 11 jo. art. 13 en bijlage II Wbft.
Zie p. 3 en p. 6 AFM 2018d.
Het totaal gemiddeld fte’s dat werkzaam is bij de AFM in 2017 is 642 fte’s (inclusief inhuur). Zie AFM jaarverslag 2017, p. 125 te downloaden op www.afm.nl/nl-nl/ verslaglegging/jaarverslag.
Op 1 augustus 2018 was het aantal vergunninghoudende accountantsorganisaties 291. Tijdens de evaluatie van de Wta was het aantal nog 440, Eijkelenboom en Hijink 2014, p. 148 (tabel 21). Zie voor een overzicht van de daling van vergunninghouders AFM 2015a, p. 11. Met de aankondiging van Grant Thornton in december 2018 om haar OOB-vergunning om te zetten naar een niet-OOB-vergunning neemt ook het aantal OOB-accountantsorganisaties af.
AFM jaarverslagen zijn te downloaden op www.afm.nl/nl-nl/verslaglegging/jaarverslag-archief. Het jaarverslag 2017 via www.afm.nl/nl-nl/verslaglegging/jaarverslag.
Stijging van de toezichtskosten voor accountantsorganisaties zou eveneens in lijn met de ontwikkeling van de kosten en baten zoals blijkt uit Eijkelenboom en Hijink 2014, p. 149 (figuur 14).
Kamerstukken II, 2017/18, 34870, 2. In het Financieele Dagblad zijn diverse reacties op het wetsvoorstel verschenen, zie bijvoorbeeld Jonker 2018 en Van Hasselt en Van Zaal 2018.
Kamerstukken II, 2017/18, 34870, 25 januari 2018 Advies Afdeling advisering RvS inzake Wet bekostiging financieel toezicht 2019.
Zie AFM 2017a, p. 14-15.
De bekostiging van het doorlopend toezicht is geregeld in de Wet bekostiging financieel toezicht (‘Wbft’) die op 1 januari 2013 in werking trad en sindsdien meerdere malen is gewijzigd. De belangrijkste wijziging sinds inwerkingtreding is de wijziging van het financieringsmodel van het toezicht. Waar de overheid in 2013 nog een deel van de kosten voor het AFM-toezicht voor haar rekening nam worden de kosten sinds 2015 volledig gedragen door de onder toezicht staande instellingen, i.c. de vergunninghoudende accountantsorganisaties.1 De kosten van het toezicht zijn te verdelen in twee categorieën te weten, kosten voor het doorlopend toezicht en kosten voor eenmalige toezichtshandelingen zoals het verlenen van vergunningen.2 De heffingen voor het doorlopend toezicht bestaan uit een vaste en een variabele component, waarbij de variabele component gebaseerd is op de omzet van de accountantsorganisaties uit wettelijke controles bij OOB’s en niet-OOB’s.3
Het is op basis van publieke gegevens lastig om inzicht te verkrijgen in de kosten van het AFM-toezicht op basis van de Wta.4 Zo is uit de jaarrekening van de AFM niet op te maken welk deel van de opbrengsten en lasten is toe te rekenen aan het toezicht op accountantsorganisaties. De voor het toezicht gemaakte kosten bestaan voornamelijk uit personeelskosten. Het aantal fte’s dat toe te rekenen is aan de afdeling Toezicht Accountantsorganisaties en Verslaggeving is in 2017 48 fte’s (inclusief inhuur).5 Deze informatie is echter te beperkt om inzicht te verschaffen in de kosten onder meer omdat onduidelijk is welk gedeelte van de toezichthouders van de afdeling Toezicht Accountantsorganisaties en Verslaggeving zich richt op het toezicht op accountantsorganisaties en het voorstelbaar is dat de toezichthouders van de afdeling Toezicht Accountantsorganisaties en Verslaggeving gemiddeld meer senior zijn dan andere aan de AFM verbonden toezichthouders vanwege hun RA-opleiding en praktijkervaring die een voorwaarde vormen voor uitoefening van het toezicht waardoor de personeelskosten gemiddeld hoger zullen zijn.6
Er zijn in 2018 minder dan 300 vergunninghoudende accountantsorganisaties en dit aantal vertoont al jaren een dalende trend.7 Tegelijk volgt uit de AFM jaarverslagen stijging van de totale kosten van het AFM toezicht zoals ook inzichtelijk gemaakt in figuur 5.8 Mede in het licht van de ontwikkelingen in het accountantsberoep en de daarmee gepaard gaande verruiming van bevoegdheden van de AFM is het voorstelbaar dat de baten en de lasten ten behoeve van het toezicht op accountantsorganisaties eveneens stijgen.9 De (stijgende) kosten van het toezicht op de financiële sector zijn recent onderwerp van debat geweest naar aanleiding van het Wetsvoorstel Wet bekostiging financieel toezicht 2019.10 In het Wetsvoorstel Wet bekostiging financieel toezicht 2019 wordt een aanpassing van de kostenverdeling bepleit zodat geen wetswijziging meer nodig is om kosten aan te passen maar een AMvB volstaat om de uitwerking van de kosten voor het doorlopend toezicht te regelen.11 In reactie op het Wetsvoorstel Wet bekostiging financieel toezicht 2019 schreef de Raad van State dat “[m]ede gelet op het feit dat alle kosten van het toezicht moeten worden opgebracht door de onder toezicht gestelde instellingen, is het van belang dat inzicht wordt gegeven in de wijze waarop de toezichthoudende instellingen de kosten van het toezicht bepalen, en hoe deze kosten begrensd worden. Meer inzicht daarin kan bijdragen aan een effectieve beheersing van de toezichtkosten. Het wetsvoorstel, noch de toelichting daarop, bieden dit inzicht.”12
De opmerking van de Raad van State duidt een (terecht) aandachtspunt bij het ontbreken van het inzicht in de toezichtskosten. Ook de AFM heeft erkend dat het toezicht dat zij houdt zeer invloedrijk kan zijn en dat het daarom noodzakelijk is om (achteraf) verantwoording af te leggen.13 Inzicht in de kosten van het toezicht geeft de toezichthouder inzicht in de knel- en verbeteringspunten van het toezicht en biedt daarmee kansen om het toezicht efficiënter vorm te geven. Door aan onder toezicht staande instellingen als accountantsorganisaties, verantwoording af te leggen over en inzicht te verschaffen in de kosten die gemoeid zijn met het toezicht geeft de toezichthouder ook informatie vrij over haar toezichtstrategie en aandachtspunten. Die informatie kan het vertrouwen bevorderen dat onder toezicht staande instellingen in de toezichthouder hebben doordat zij de voorspelbaarheid van de toezichthouder vergroot. De financiële verantwoording die de AFM in haar jaarverslag gaf is echter van dusdanig algemene aard dat verantwoording van de wijze waarop de (beperkte) middelen voor het toezicht op accountantsorganisaties zijn aangewend niet uit het jaarverslag zijn af te leiden.