RCR 2024/62
Afgebroken onderhandelingen. Kunnen zich omstandigheden voordoen die maken dat een partij die de onderhandelingen heeft afgebroken de kosten van diens wederpartij (deels) dient te vergoeden, ondanks dat het afbreken van die onderhandelingen niet onaanvaardbaar is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid?
HR 14-06-2024, ECLI:NL:HR:2024:884
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 juni 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh, F.J.P. Lock, F.R. Salomons, G.C. Makkink
- Zaaknummer
23/01201
- Conclusie
A-G mr. T. Hartlief
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS980655:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Verbintenissenrecht / Overige verbintenissen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:884, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑06‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:263, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑03‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 27‑03‑2023
- Wetingang
Essentie
Ongerechtvaardigde verrijking. Afgebroken onderhandelingen.
Kunnen zich omstandigheden voordoen die maken dat een partij die de onderhandelingen heeft afgebroken de kosten van diens wederpartij (deels) dient te vergoeden, ondanks dat het afbreken van die onderhandelingen niet onaanvaardbaar is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid?
Samenvatting
In januari 2016 en maart 2017 hebben verkopers twee percelen met opstallen verkocht aan kopers waarop zij een project wilden ontwikkelen. Daartoe behoefden de erfpachtvoorwaarden wijziging waarvoor toestemming van de gemeente nodig was. De gemeente heeft laten weten een voorkeursrecht te willen vestigen op de percelen. Kopers hebben daartegen – zonder succes – bezwaar ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.