NJB 2025/2475
Niet-ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep van de verdachte omdat diens raadsman bij een alleen per post ingediende schriftuur een cassatiemiddel heeft voorgesteld en de schriftuur dus in strijd met art. 432a Sv en art. 4.2.4 en 4.3.3.3 Procesreglement Hoge Raad der Nederlanden door de raadsman niet is ingediend door plaatsing in het webportaal. De raadsman heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om dit verzuim te herstellen.
HR 14-10-2025, ECLI:NL:HR:2025:1505
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 oktober 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, C. Caminada, F. Posthumus
- Zaaknummer
23/04030
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1505, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑10‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:687, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑07‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 27‑06‑2024
- Wetingang
(art. 432a Sv)
Essentie
Niet-ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep van de verdachte omdat diens raadsman bij een alleen per post ingediende schriftuur een cassatiemiddel heeft voorgesteld en de schriftuur dus in strijd met art. 432a Sv en art. 4.2.4 en 4.3.3.3 Procesreglement Hoge Raad der Nederlanden door de raadsman niet is ingediend door plaatsing in het webportaal. De raadsman heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om dit verzuim te herstellen.
Uitspraak
Inleiding
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft diens raadsman bij een alleen per post ingediende schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.1.