V-N 2014/31.10
Berekening hof van verschuldigde btw was volgens Hoge Raad onvoldoende gemotiveerd
HR 13-06-2014, ECLI:NL:HR:2014:1381, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 juni 2014
- Magistraten
Overgaauw, Van Vliet, Koopman
- Zaaknummer
13/02768
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- JCDI
JCDI:ADS918397:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Fiscaal procesrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2014:1381, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑06‑2014
Beroepschrift, Hoge Raad, 19‑07‑2013
- Wetingang
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat het onbegrijpelijk is dat de btw-correctie ter zake van de cashbacks niet in de berekening van het hof voorkomt. De Hoge Raad verwijst de zaak naar Hof Amsterdam
Samenvatting
X verkoopt mobiele telefoons en bemiddelt bij het afsluiten van telefoonabonnementen. Na een boekenonderzoek legt de inspecteur IB-navorderingsaanslagen en een OB-naheffingsaanslag op aan X in verband met cashbacks. Hof Den Haag oordeelt dat de inspecteur de boekhouding van X terecht heeft verworpen en de bewijslast terecht heeft omgekeerd. Volgens het hof heeft de inspecteur echter geen redelijke schatting van het inkomen en de omzet ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.