Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort
Einde inhoudsopgave
Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort (O&R nr. 115) 2019/10.1.2:10.1.2 Belgisch recht
Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort (O&R nr. 115) 2019/10.1.2
10.1.2 Belgisch recht
Documentgegevens:
mr. drs. C.M. Harmsen, datum 01-07-2019
- Datum
01-07-2019
- Auteur
mr. drs. C.M. Harmsen
- JCDI
JCDI:ADS180112:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Anders dan in België wordt in artikel 2:10 BW voor de bewaartermijn geen onderscheid gemaakt tussen bescheiden die wel of niet tot bewijs jegens derden strekken.1 Evenmin wordt voorgeschreven wanneer de bewaartermijn aanvangt. Het Wetboek van Economisch Recht schrijft voor de tot de boekhouding behorende boeken dwingend voor dat de bewaartermijn aanvangt op de eerste januari van het jaar dat op de afsluiting volgt.2 Het in het Wetboek van Economisch Recht gekozen startpunt voor de aanvang van de bewaartermijn van de tot de boekhouding behorende boeken is logisch. De desbetreffende boeken worden gedurende het gehele boekjaar gevoerd en na afsluiting aan het einde van het boekjaar zijn de boeken – en daarmee de boekhouding over het boekjaar – afgerond en vangt de bewaarplicht aan. Hoewel uit de jurisprudentie in Nederland geen voorbeeld volgt van een dispuut over het aanvangstijdstip van de bewaarplicht, kan in voorkomend geval aansluiting worden gezocht bij het Wetboek van Economisch Recht. De daarin bepaalde aanvangstermijn is ook voor de administratieplichtige in Nederland een logisch startmoment voor de bewaarplicht.