RFR 2025/38
Moet bij de waardering van de echtelijke woning rekening worden gehouden met een door de vrouw aan haar ouders verleend voorkeursrecht tot koop? Heeft de man stilzwijgend ingestemd met een voorkeursrecht? Passeren bewijsaanbod.
HR 13-12-2024, ECLI:NL:HR:2024:1866
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 december 2024
- Magistraten
Mrs. T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron, G.C. Makkink
- Zaaknummer
24/01051
- Conclusie
A-G mr. L.M. Coenraad
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD1963:1
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
Verbintenissenrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
Vermogensrecht (V)
Burgerlijk procesrecht / Bewijs
Personen- en familierecht / Huwelijk, relaties en echtscheiding
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1866, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑12‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:1024, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 04‑10‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 01‑02‑2024
- Wetingang
Essentie
Moet bij de waardering van de echtelijke woning rekening worden gehouden met een door de vrouw aan haar ouders verleend voorkeursrecht tot koop? Heeft de man stilzwijgend ingestemd met een voorkeursrecht? Passeren bewijsaanbod.
Samenvatting
Partijen zijn gehuwd in 2003 in algehele gemeenschap van goederen. In 2017 wordt bij notariële leveringsakte door de ouders van de vrouw een perceel grond geleverd aan de vrouw voor een bedrag van € 90.000. De grond valt in de gemeenschap van goederen. Op de grond is vervolgens de echtelijke woning van partijen gebouwd. De bouw hiervan is in 2020 afgerond. Op 6 april 2020 ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.