De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken
Einde inhoudsopgave
De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken (BPP nr. VIII) 2010/3.10:3.10 Conclusie
De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken (BPP nr. VIII) 2010/3.10
3.10 Conclusie
Documentgegevens:
Janneke van der Linden, datum 14-04-2010
- Datum
14-04-2010
- Auteur
Janneke van der Linden
- JCDI
JCDI:ADS370255:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In dit hoofdstuk is het verloop van de comparitie na antwoord in chronologische volgorde geschetst. In het voortraject vindt bij de Rechtbank Utrecht geen en bij de Rechtbank ‘ s-Hertogenbosch weinig zaakspecifieke instructie plaats over de stukken die de rechter nog wil ontvangen en de te bespreken onderwerpen op de zitting.
Partijen staan naar eigen zeggen voorafgaand aan de zitting in het algemeen positief tegenover het vinden van een oplossing samen met de andere partij tijdens de zitting. De oplossingsbereidheid van de andere partij schatten partijen en advocaten (ten onrechte) vrij negatief in. Rechters onderschatten de oplossingsbereidheid van beide partijen en advocaten. De verwachtingen die partijen, advocaten en rechters hebben ten aanzien van het tot stand komen van een schikking zijn redelijk negatief.
De twee rechtbanken besteden in verhouding aan elk onderdeel van de zitting (verkrijgen van inlichtingen, bespreken van een regeling, opstellen proces-verbaal en/of schikkingsovereenkomst) ongeveer evenveel tijd. Wel duurt de zitting bij de Rechtbank ‘s-Hertogenbosch gemiddeld ongeveer een half uur langer. Dit komt waarschijnlijk doordat er in ‘ s-Hertogenbosch ook een uur meer voor de zitting gereserveerd is dan in Utrecht.
De informatie en uitleg die rechters aan het begin van de zitting verstrekken is beperkt. Er worden regelmatig stukken te laat ingediend. Deze worden meestal toegelaten en van sancties hierop, afgezien van het buiten beschouwing laten van stukken, is geen sprake.
Bij het verkrijgen van inlichtingen zorgen rechters ervoor dat beide partijen én beide advocaten ongeveer even lang aan het woord zijn. De rechter is duidelijk langer aan het woord (22 minuten inclusief stiltes) dan de overige aanwezigen (samen 30 minuten). Bij de meeste zittingen mogen advocaten (zonder pleitnotities) naar voren brengen wat zij willen zonder dat de rechter hen beperkt in de onderwerpen die zij bespreken.
Bij het beproeven van een schikking stelt iets meer dan de helft van de rechters (49%) de voordelen van een schikking aan de orde. In de meeste van die zittingen noemt de rechter de voordelen zelf op zonder na te gaan bij partijen of zij die voordelen ook zo zien. Verder geeft meer dan de helft van de rechters (56%) een voorlopig oordeel zonder dat duidelijk is of er ook maar iemand in de rechtszaal behoefte aan heeft. De voorlopige oordelen hebben vooral betrekking op de juridische stellingen en weren of de bewijslastverdeling. De rechter stuurt partijen in het algemeen niet met lege handen de gang op. Daarnaast maakt de rechter gebruik van andere manieren om een schikking te bevorderen. De meest gebruikte manier is het wijzen op gevolgen van verder procederen wat betreft tijd, belasting en/of kosten.
Rechters stellen zich naar eigen zeggen vooral actiever op bij het beproeven van een schikking als partijen en advocaten zich op de zitting cooperatief opstellen, als de standpunten van partijen minder ver van elkaar verwijderd zijn, bij een bepaald soort zaken (verdelingszaken, zaken met veel emoties), als de vordering lager is en als de waarschijnlijke duur van de procedure na afloop van de zitting langer is. Ook wordt hun opstelling in enige mate beïnvloed door hun taakopvatting ten aanzien van het beproeven van een schikking
Eenendertig procent van de partijen en 35% van de advocaten denkt dat de rechter een eigen motief heeft bij een regeling. Drieënveertig procent van deze groep advocaten denkt dat dit motief gelegen is in het niet hoeven schrijven van een vonnis.
Als er geen schikking tot stand komt, wordt er meestal ter zitting een procesverbaal opgemaakt en volgt daarna in 60% van de niet-geschikte zaken vonnis.