Einde inhoudsopgave
Overheidsaansprakelijkheid voor het verstrekken van onjuiste informatie (SteR nr. 45) 2019/4.5.3
4.5.3 Basis- en andere informatieregistraties
S.A.L. van de Sande, datum 01-02-2019
- Datum
01-02-2019
- Auteur
S.A.L. van de Sande
- JCDI
JCDI:ADS508628:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Voetnoten
Voetnoten
Kamerstukken II 2005/06, 30656, 3, p. 17. Vgl. Hof ‘s-Hertogenbosch 11 november 2003, ECLI:NL:GHSHE:2003:AO0315 (Inschrijving CV) en Hof ‘s-Hertogenbosch 18 september 2007, ECLI:NL:GHSHE:2007:BB4377 (Beperkte vertegenwoordigingsbevoegdheid).
Deze vermelding kan ingevolge artikel 17 lid 2, artikel 34 lid 1 en artikel 36 lid 1 Hrw 2007 worden geplaatst.
Artikel 30 lid 2, aanhef en onder a, Hrw 2007.
Anders: ABRvS 26 januari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:266 (De Groenen).
Kamerstukken II 2013/14, 33839, 3, p. 25-26.
In paragraaf 4.3.1 en 4.3.2 werden de bijzondere aansprakelijkheidsbepalingen van artikel 117 Kadasterwet en artikel 13 en 17 Wkpb besproken, die kort gezegd van toepassing zijn op de basis- en andere informatieregistraties waarin de bijzondere wetten voorzien die in deze artikelen worden vermeld. Voor de overige basis- en andere informatieregistraties die in de paragrafen 2.8.5 en 2.8.6 zijn genoemd, werd het treffen van een afzonderlijke regeling voor de aansprakelijkheid van de overheid niet noodzakelijk geacht, omdat de algemene regeling van artikel 6:162 BW afdoende werd bevonden. In het bijzonder kan worden gewezen op de Handelsregisterwet 2007. In het kader van de totstandkoming van deze wet merkte de regering op dat de ‘algemene regels van aansprakelijkheid’ gelden als onjuiste gegevens worden verstrekt (op grond van artikel 22 lid 1 Hrw 2007) terwijl de juiste gegevens in het register zijn opgenomen.1
In de geschiedenis van de totstandkoming van de Hrw 2007 werd aandacht besteed aan de mogelijkheid dat bestuursorganen gebruikmaken van een gegeven uit het Handelsregister waarbij de vermelding ‘in onderzoek’ is geplaatst.2 Volgens de regering kunnen bestuursorganen bij die melding niet meer automatisch vertrouwen op de juistheid van het gegeven. Indien een gegeven dat ‘in onderzoek’ is toch wordt gebruikt en hierdoor schade ontstaat, zal deze in beginsel bij het bestuursorgaan komen te liggen en niet bij de beheerder van het register, aldus de regering. Vermoedelijk wordt hier enkel over bestuursorganen gesproken, omdat artikel 30 lid 1 Hrw 2007 uitsluitend hen verplicht om gebruik te maken van de authentieke gegevens uit het Handelsregister, tenzij hierbij de vermelding ‘in onderzoek’ is opgenomen in het handelsregister.3 Deze verplichting geldt dus niet voor burgers. De gedachte is hier kennelijk dat de vermelding ‘in onderzoek’ aanleiding moet geven tot gerede twijfel aan de juistheid van een gegeven, zodat het bestuursorgaan andere dan de betreffende authentieke gegevens kan, mag en in beginsel moet gebruiken.4
Aan de inhoud van de wettelijke regeling wordt groot gewicht toegekend in het kader van de beantwoording van de vraag of de registratiehouder aansprakelijk is voor het verwerken of verstrekken van onjuiste informatie. Hierbij komt zowel betekenis toe aan het doel van de registratie als aan de begrenzing van het gebruik van de betreffende gegevens.5 In het kader van de Wet bro stelde de regering bijvoorbeeld dat aansprakelijkheid van de registratiehouder slechts aan de orde zou kunnen zijn indien hij niet aan de gestelde wettelijke eisen of aan zijn zorgplicht ten aanzien van de basisregistratie heeft voldaan én daardoor ontstane onjuistheden bij de afnemers daarvan niet hoefden te leiden tot gerede twijfel omtrent de juistheid van de registratie.6 Volgens de regering is de registratiehouder niet zomaar aansprakelijk voor schade die mogelijkerwijs kan ontstaan door zelfstandig (vrijwillig) hergebruik van gegevens die onjuist blijken te zijn of door het onjuist gebruik van gegevens. Bij het (her)gebruiken van gegevens zal de gebruiker steeds in het oog moeten houden binnen welke context en voor welk doel die gegevens zijn gegenereerd. Zo hebben de metagegevens bij de verschillende typen gegevens in de basisregistratie ondergrond mede het doel om derden in staat te stellen de aard van die gegevens te begrijpen en eventueel de (on)juistheid van die gegevens te kunnen beoordelen. In aanmerking wordt ook genomen dat de basisregistratie een voorziening biedt om mogelijke onjuistheden in de basisregistratie te melden door middel van een verzoek tot wijziging. Deze voorziening zal de burger of het bedrijf tevens alert maken op het feit dat de basisregistratie onvolkomenheden kan bevatten, aldus nog steeds de regering.