Verbondenheid in het belastingrecht
Einde inhoudsopgave
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/6.3.6.0:Inleiding
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/6.3.6.0
Inleiding
Documentgegevens:
Dr. R.N.F. Zuidgeest, datum 20-11-2008
- Datum
20-11-2008
- Auteur
Dr. R.N.F. Zuidgeest
- JCDI
JCDI:ADS609041:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Inkomen uit werk en woning (box 1) - niet-winst
Onbekend (V)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Aanmerkelijk belang (box 2)
Inkomstenbelasting / Winst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Ingevolge art. 3.91 Wet IB 2001 wordt de terbeschikkingstelling van vermogensbestanddelen aan een onderneming of werkzaamheid van een ‘verbonden persoon’ tot het resultaat uit overige werkzaamheden gerekend. Daarbij kan het gaan om een onderneming van de verbonden persoon zelf, of van een ‘samenwerkingsverband’ waarin hij participeert. Art. 3.92 Wet IB 2001 bevat een vergelijkbare regeling voor de terbeschikkingstelling aan een vennootschap waarin een ‘aanmerkelijk belang’ wordt gehouden. Het kan dan gaan om een aanmerkelijkbelangpositie van de belastingplichtige zelf, of van een verbonden persoon. Beide verbondenheidsbegrippen hebben een vereenzelvigingsfunctie en met name een antiontgaansfunctie.