Rechtsgevolgen van stille cessie
Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/3.5.11.4:3.5.11.4 Conclusie
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/3.5.11.4
3.5.11.4 Conclusie
Documentgegevens:
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS590631:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
188. Vindt de stille cessie plaats nadat het vonnis is gewezen, dan is art. 236 lid 2 Rv van toepassing. De stille cessionaris wordt op grond van die bepaling als partij bij het vonnis aangemerkt. Vindt de stille cessie plaats voordat het vonnis is gewezen, dan wordt de stille cessionaris direct partij bij het veroordelende vonnis. Hij is partij in de zin van art. 236lid 1 Rv. De stille cedent is aan het vonnis gebonden, omdat hij het recht van de stille cessionaris uitoefent. De stille cedent is uit hoofde van zijn inningsbevoegdheid in beginsel bevoegd om reële executie te vorderen, lijfsdwang en/of een dwangsom te verzoeken en te verzoeken dat het vonnis uitvoerbaar bij voorraad wordt verklaard, alsmede na een veroordeling de verkregen executoriale titel ten uitvoer te leggen en lijfsdwang te handhaven. Verkrijgt de stille cedent ten behoeve van de stille cessionaris een executoriale titel, en is hij bevoegd om de executoriale titel ten uitvoer leggen, dan volgt uit de ratio van art. 431a Rv dat pas op het moment dat de stille cessionaris de executie wil aanvangen of voortzetten betekening van de overgang van deze bevoegdheid dient plaats te vinden.