De acting in concert-regeling inzake het verplicht bod op effecten
Einde inhoudsopgave
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/5.7.2.1:5.7.2.1 Inleiding
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/5.7.2.1
5.7.2.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. J.H.L. Beckers, datum 01-01-2016
- Datum
01-01-2016
- Auteur
mr. J.H.L. Beckers
- JCDI
JCDI:ADS371142:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Naar Belgisch recht zijn “in onderling overleg handelende personen”:
de natuurlijke personen of rechtspersonen die met de bieder, met de doelvennootschap of met andere personen samenwerken op grond van een uitdrukkelijk of stilzwijgend, mondeling of schriftelijk akkoord dat ertoe strekt de controle over de doelvennootschap te verkrijgen, het welslagen van een bod te dwarsbomen dan wel de controle over de doelvennootschap te handhaven;
de natuurlijke personen of rechtspersonen die een akkoord hebben gesloten aangaande de onderling afgestemde uitoefening van hun stemrechten, om een duurzaam gemeenschappelijk beleid ten aanzien van de betrokken vennootschap te voeren;”1
De Belgische verplicht bod-regeling kent dus twee typen acting in concert, welke worden onderscheiden naar het aan de samenwerking ten grondslag liggende doel (§ 5.7.2.2). Beide typen acting in concert kunnen zich ook voordoen op het niveau van de houdsteronderneming. Art. 51 Overnamebesluit bevat nadere regels voor een dergelijk “indirect acting in concert”.2
De huidige verplicht bod-regeling kent – anders dan het eerder genoemde De Benedetti-KB (§ 5.7.1) – slechts één vermoeden van acting in concert: verbonden personen zoals bedoeld in art. 11 W.Venn. worden geacht in onderling overleg te handelen (zie eerder § 5.7.1).