Einde inhoudsopgave
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/3.3.2
3.3.2 Van Europese Gemeenschap van Kolen en Staal tot Europese Unie
M.L. Schippers, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
M.L. Schippers
- JCDI
JCDI:ADS258647:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Accijns en verbruiksbelastingen / Algemeen
Douane (V)
Voetnoten
Voetnoten
Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal, Parijs, 18 april 1951, Trb. 1951, 82 en 1953, 50 (EGKS).
Paragraaf 9 van het Verdrag tot oprichting van een Europese Gemeenschap voor Kolen Staal. De afbouw ziet daarbij alleen nog op kolen, ijzererts, schroot en staal.
Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, Rome, 25 maart 1957, Trb. 1957, 74 met Franse tekst, en 1957, 91 met de Nederlandse tekst (EEG) en Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, Rome, 25 maart 1957, Trb. 1957, 75 met Franse tekst, en 1957, 92 en 250 met de Nederlandse tekst (EURATOM).
W. de Wit, The EU Customs Union after Brexit, Erasmus Law Review 13(3), p. 229-232.
Nog ten tijde van de Tweede Wereldoorlog werden initiatieven gestart voor Europese integratie. Samenwerking op politiek en economisch vlak moest de basis vormen voor een vreedzaam Europa. Toezicht op de opslag en productie van kolen en staal – beide middelen zijn bij uitstek geschikt voor de voeding van een oorlogsindustrie – vormden de basis voor de eerste stap tot Europese integratie. België, Frankrijk, Italië, Luxemburg, Nederland en West-Duitsland sloten daartoe op 18 april 1951 te Parijs het Verdrag tot oprichting van een Europese Gemeenschap voor Kolen Staal (EGKS-verdrag).1 Het EGKS-verdrag voorziet in de totstandkoming van een gemeenschappelijke markt voor kolen en staal tussen de verdragsluitende landen en bewerkstelligt de afschaffing van invoerrechten die tussen de EGKS-lidstaten werden geheven.2 Daaropvolgend werden op 25 maart 1957 te Rome de ‘Verdragen van Rome’ gesloten, bestaande uit het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap (EEG-verdrag) en het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (Euratom).3 In de artikelen 14 en 15 van het EEG-verdrag is voorzien in een trapsgewijze afbouw van alle op dat moment nog bestaande invoerrechten tussen de verdragsluitende partijen. Deze afbouw werd op 1 juli 1968 voltooid. Tegelijkertijd werd een gemeenschappelijk douanetarief ingevoerd voor goederen die worden ingevoerd uit derde landen. Op 1 januari 1973 zijn Denemarken, Ierland en het Verenigd Koninkrijk toegetreden tot de EEG. Met hun toetreding vormden tien EEG-landen anno 1979 een douane-unie. Op 1 januari 1981 volgde Griekenland en op 1 mei 1986 Spanje en Portugal. Met hun toetreding vormden twaalf EEG-landen anno 1991 een douane-unie. Daarbij zij vermeldt dat Groenland, dat onderdeel uitmaakt van Denemarken, de EEG in 1985 verlaten heeft en dat de deelstaten van de Duitse Democratische Republiek, na samenvoeging met de Bondsrepubliek Duitsland, sinds 1990 onderdeel uitmaken van de EEG.
Op 7 februari 1992 is het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) getekend ter oprichting van de Europese Gemeenschap (EG). Het Verdrag van Maastricht, zoals het VEU ook wel wordt genoemd, is op 1 november 1993 in werking getreden en betreft een wijziging van de Verdragen van Rome en het EGKS-verdrag. Het Verdrag van Maastricht introduceert een pijlerstructuur, bestaande uit:
Europese Gemeenschap (voorheen: Europese Economische Gemeenschap);
Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid;
Politiële en justitiële samenwerking in strafzaken.
Het verdrag voorziet voorts in de totstandkoming van een ruimte zonder binnengrenzen.
Op 1 januari 1995 zijn Finland, Oostenrijk en Zweden toegetreden tot de EG. Op 1 mei 2004 is de EG uitgebreid met tien lidstaten, te weten Cyprus, Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Malta, Polen, Slovenië, Slowakije en Tsjechië. Op 1 januari 2007 volgden Bulgarije en Roemenië.
Op 13 december 2007 sloten de zevenentwintig toenmalige EG-lidstaten het Verdrag van Lissabon. Het verdrag betreft een amendement op de Verdrag van Rome en het Verdrag van Maastricht. De geconsolideerde versies van het VEU en het VwEU vormen de wettelijke basis van de Europese Unie. Tegelijkertijd met de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon op 1 december 2009, is de pijlerstructuur opgeheven en wordt gesproken over de Europese Unie.
Op 1 januari 2013 is tot nog toe het laatste land, namelijk Kroatië, toegetreden tot de Europese Unie. Op 29 maart 2017 heeft de regering van het Verenigd Koninkrijk op grond van artikel 50 VEU een kennisgeving van terugtrekking ingediend volgend op een raadgevend referendum op 23 juni 2016. Op 31 januari 2020 heeft het Verenigd Koninkrijk de Europese Unie formeel verlaten. Tot en met 31 december 2020 gold een overgangsregeling waardoor goederen vanuit het Verenigd Koninkrijk naar de Europese Unie kunnen worden overgebracht en vice versa zonder dat de goederen aan douaneformaliteiten zijn onderworpen.4 Vanaf 1 januari 2021 wordt de relatie tussen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk beheerst door de EU-UK Trade and Cooperation Agreement.
Zevenentwintig landen maken zodoende deel uit van de EU douane-unie en in die landen zijn de douanewaardebepalingen zoals ingebed in het acquis communautair toepasselijk (onderdeel 3.3.3).