Omzetting als rechtsvormwijziging
Einde inhoudsopgave
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/5.2.3.1:5.2.3.1 Uitgangspunt: geen dwaling
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/5.2.3.1
5.2.3.1 Uitgangspunt: geen dwaling
Documentgegevens:
Mr. B. Snijder-Kuipers, datum 20-01-2010
- Datum
20-01-2010
- Auteur
Mr. B. Snijder-Kuipers
- JCDI
JCDI:ADS495391:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Op het moment van het tot stand komen van een overeenkomst, moet er sprake zijn van wilsovereenstemming. De wilsgebreken bedreiging, bedrog en misbruik van omstandigheden1 zullen zich in het kader van rechtsvormwijziging niet voor doen. Rechtsvormwijziging is een onverplichte rechtshandeling die op het moment van het sluiten van de overeenkomst niet voorzien is.
Kan een contractspartij een beroep doen op dwaling indien de wederpartij van rechtsvorm is of wordt gewijzigd? Voor een geslaagd beroep op dwaling2 gelden allereerst twee cumulatieve vereisten, te weten een onjuiste voorstelling van zaken en de aanwezigheid van causaal verband. Bepalend daarbij is dat de overeenkomst niet op deze wijze gesloten zou zijn bij een juiste voorstelling van zaken. Dwaling heeft betrekking op de toestand voorafgaand of ten tijde van het tekenen van een overeenkomst.
Voor een beroep op dwaling moet bewezen worden dat een juiste voorstelling van zaken ontbrak ten tijde van het aangaan van de overeenkomst. Dwaling kan niet betrekking hebben op een situatie die zich na contractssluiting voordoet. Gesteld zou kunnen worden dat bij rechtsvormwijziging van een contractspartij de wederpartij gedwaald heeft in de vorm van de rechtspersoon. Een dergelijk beroep zal niet slagen aangezien op het moment van het sluiten van de overeenkomst de rechtsvormwijziging in de regel nog niet heeft plaatsgevonden en daartoe evenmin op dat moment een voornemen bestaat.
Een beroep op dwaling heeft dan ook geen kans van slagen. Op het moment van het sluiten van de overeenkomst zal een rechtsvormwijziging in de toekomst niet voorzienbaar zijn. Dat betekent dat op het moment van sluiten van de overeenkomst is uitgegaan van een juiste voorstelling van zaken, te weten de op dat moment vigerende rechtsvorm van de contractspartij.