Mandeligheid
Einde inhoudsopgave
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/12.5.2:12.5.2 Ontwerp-Meijers en Regeringsontwerp
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/12.5.2
12.5.2 Ontwerp-Meijers en Regeringsontwerp
Documentgegevens:
mr. J.G. Gräler, datum 01-10-2006
- Datum
01-10-2006
- Auteur
mr. J.G. Gräler
- JCDI
JCDI:ADS488424:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Burenrecht en mandeligheid
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Parl. Gesch. Boek 5, p. 224 en 226.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Art. 5.1 OM luidt:
‘Mandeligheid is aanwezig, wanneer een onroerende zaak gemeenschappelijk eigendom is van de eigenaars van twee of meer naburige erven en door hen tot gemeenschappelijk nut van die erven is bestemd.
Wanneer de eigenaars van twee of meer naburige erven hebben bijgedragen in de kosten van oprichting van een gebouw of werk op een of meer van die erven, hetwelk bestemd is die erven tot gemeenschappelijk nut te zijn, is dit gebouw of werk hun gemeenschappelijk eigendom.
De bestemming ten gemeenschappelijke nutte moet hetzij uit de feitelijke toestand, hetzij uit een in de daartoe bestemde openbare registers ingeschreven akte blijken. Zolang het nut niet voor alle erven is vervallen, blijft de mandeligheid bestaan.’
De beide wijzen van benadering zoals hiervoor onder 12.5.1 beschreven komen in dit artikel aan de orde.
In de leden 1 en 2 gaat het over de bestemmingshandeling. Uit deze leden gelezen in relatie tot lid 3 blijkt dat het nutsvereiste overeenkomt met het nutsvereiste zoals dat ten aanzien van erfdienstbaarheden geldt. Daarbij wordt nog geen keuze gemaakt tussen de objectieve en de subjectieve leer.
In lid 2 lijkt een objectieve benadering te worden gevolgd.
In lid 3, 1e zin komt het nutsvereiste aan de orde op de wijze die overeenstemt met die ten aanzien van de buurweg.
Van de bestemming tot gemeenschappelijk nut moet ingevolge lid 3 blijken hetzij uit de feitelijke toestand, hetzij uit een in de daartoe bestemde openbare registers ingeschreven akte. Het betreft hier constitutieve elementen.1 Zonder inschrijving of blijk van de bestemming tot gemeenschappelijk nut uit de feitelijke toestand geen mandeligheid. Wil dit laatste het geval zijn dan moeten wij spreken over objectief nut (zoals bij de buurweg). Uiteindelijk bepaalt dan de verkeersopvatting of van mandeligheid kan worden gesproken.
Indien van de bestemming tot gemeenschappelijk nut uit de betreffende registers blijkt, kan zowel sprake zijn van objectief als van subjectief nut.