Zekerheid voor de vastgoedfinancier
Einde inhoudsopgave
Zekerheid voor de vastgoedfinancier (R&P nr. VG9) 2019/8.7:8.7 Aansprakelijkheid
Zekerheid voor de vastgoedfinancier (R&P nr. VG9) 2019/8.7
8.7 Aansprakelijkheid
Documentgegevens:
S.J.L.M. van Bergen, datum 13-11-2018
- Datum
13-11-2018
- Auteur
S.J.L.M. van Bergen
- JCDI
JCDI:ADS622661:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De Engelse hypotheekhouder die het verhypothekeerde vastgoed in bezit neemt, krijgt te maken met een aansprakelijkheidsrisico vanwege wilful default. De hypotheekhouder behoort niet slechts verantwoording af te leggen over de inkomsten die hij heeft ontvangen, maar ook die hij had kunnen ontvangen. Wanneer de hypotheekgever kan bewijzen dat de hypotheekhouder inkomsten heeft laten schieten, dan is de hypotheekhouder jegens hem voor de gemiste inkomsten aansprakelijk.
In par. 6.5.5 werd al ingegaan op de zorgvuldigheidsnorm die voor de Nederlandse hypotheekhouder geldt als hij het verhypothekeerde vastgoed in beheer neemt: hij moet in dat geval de zorg van een goed beheerder betrachten.1 Voor de concrete invulling van die norm kan in het licht van het hier beschreven beheertraject het Engelse recht tot voorbeeld strekken. Aansprakelijkheidsrisico’s die samenhangen met het technisch beheer van het pand zijn hiervoor al besproken.2 Deze komen hier niet nogmaals aan bod, maar zijn wel degelijk ook van toepassing als het beheertraject als alternatieve route wordt bewandeld.
In het licht van de verhuur van het commercieel vastgoed rust op de Engelse hypotheekhouder de verplichting om de inkomsten uit dat vastgoed in redelijkheid te maximaliseren.3 Een dergelijke inspanningsverplichting mag naar mijn mening ook van de Nederlandse hypotheekhouder worden verwacht als hij het vastgoed in beheer neemt. Hij heeft immers de verhuur van de hypotheekgever overgenomen en vanwege de privatieve werking van het hypothecaire beheer kan de hypotheekgever zelf geen nieuwe huurovereenkomsten meer aangaan. Daarbij past niet dat de hypotheekhouder in dat geval achterover zou mogen leunen, terwijl het vastgoed leeg staat en verloedert. Hij zal zich moeten inspannen om het vastgoed zo goed mogelijk te verhuren.
Waartoe een hypotheekhouder in een concreet geval gehouden is, kan niet op voorhand worden bepaald. De zorgvuldigheidsnorm zal van geval tot geval invulling behoeven. Wel kan als stelregel worden gehanteerd dat vastgoed – in redelijkheid – zoveel mogelijk en tegen marktconforme voorwaarden verhuurd moet blijven, tenzij dergelijke huurovereenkomsten de verkoopwaarde van het pand negatief zouden beïnvloeden.
De lat ligt naar Engels recht overigens hoog; pas bij ‘serious default, mismanagement or fraud’ is de hypotheekhouder aansprakelijk. Eenzelfde maatstaf lijkt bruikbaar onder het Nederlandse recht. Concrete gevallen waarin naar Engels recht tot aansprakelijkheid werd geoordeeld zijn bijvoorbeeld de situatie waarin een goede huurder werd geweigerd of uit het pand werd gezet of een geval waarin de hypotheekhouder het vastgoed verhuurde onder de marktprijs terwijl hij voor zichzelf allerlei privileges had bedongen. Dit zijn casus die strijdig zijn met de zorgvuldigheidsnorm van een ‘goed beheerder’ en derhalve ook naar Nederlands recht tot aansprakelijkheid van de hypotheekhouder behoren te leiden.