Financiële controle in het gemeenterecht
Einde inhoudsopgave
Financiële controle in het gemeenterecht (Dissertatieserie Vakgroep Staatsrecht Groningen) 2011/4.6.2:4.6.2 Het verslag van bevindingen
Financiële controle in het gemeenterecht (Dissertatieserie Vakgroep Staatsrecht Groningen) 2011/4.6.2
4.6.2 Het verslag van bevindingen
Documentgegevens:
dr. W. van der Woude, datum 21-09-2011
- Datum
21-09-2011
- Auteur
dr. W. van der Woude
- Vakgebied(en)
Overheidsfinanciën (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Nota van Toelichting bij het Bag (Stb. 2002, 68), p. 16.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Omdat het rechtmatigheidsaspect bij de controle ten behoeve van de accountantsverklaring is vergroot, is het belang van het verslag van bevindingen enigszins verkleind. Dat betekent niet dat dit verslag is verdwenen. Volgens art. 213 lid 4 bevat dit verslag in ieder geval bevindingen over:
de vraag of de inrichting van het fmanciële beheer en van de financiële organisatie een getrouwe en rechtmatige verantwoording mogelijk maken;
onrechtmatigheden in de jaarrekening.
Ook voor het verslag van bevindingen geldt dat niet alles wat de accountant in zijn controle 'tegenkomt', gerapporteerd behoeft te worden. Voor kwantificeerbare gebreken introduceert art. 5 Bapg hiervoor de rapporteringstoleranties. Volgens de tekst van het eerste lid zijn deze rapporteringstoleranties "de bedragen die voortvloeien uit de goedkeuringstoleranties". Hoe deze bedragen precies voortvloeien uit de goedkeuringstoleranties, maakt het Bapg verder niet duidelijk. De Nota van Toelichting bij het Bag zegt hierover:
"De rapporteringstolerantie(s) is een bedrag dat gelijk aan of lager is dan de bedragen voortvloeiend uit de goedkeuringstolerantie. De goedkeuringstolerantie wordt per onderdeel van de jaarrekening omgerekend tot een bedrag. Boven dit bedrag vindt, per onderdeel, rapportering plaats in het verslag, ongeacht of het totaal van de bedragen de goedkeuringstolerantie overschrijdt.1
Hoewel de tekst uit de Toelichting iets meer duidelijkheid verschaft over de invulling van art. 5 lid 1 Bapg, is het probleem van deze toelichtende tekst dat de hierin gehanteerde terminologie niet is aangepast aan de terminologie uit het BBV.2 Daardoor is het onduidelijk wat precies wordt bedoeld met de zinsnede "per onderdeel van de jaarrekening”. Worden daarmee de afzonderlijke programma's of ook de eventuele programmaonderdelen daarbinnen bedoeld? Het gebruik van de term 'onderdelen' zou een argument kunnen zijn voor dat laatste. Omdat programmaonderdelen facultatief zijn, ligt een dergelijke interpretatie niettemin minder voor de hand. De accountant zal dus in ieder geval moeten rapporteren ten aanzien van de verschillende programma's. Als de jaarrekening echter programmaonderdelen bevat, ligt het voor de hand dat de accountant ook ten aanzien daarvan afzonderlijk rapporteert. De bedoeling van het opnemen van programmaonderdelen in een begroting door de raad is immers mede dat de raad ten aanzien van deze onderdelen een specifieke verantwoording ontvangt. Voor het goed kunnen beoordelen van deze verantwoording is het voor de raad van belang dat de accountant hierover zijn licht laat schijnen.
Ook bij het verslag van bevindingen is een afzonderlijke regeling getroffen voor niet-kwantificeerbare gebreken. Op grond van het derde lid van art. 5 Bapg moeten kwalitatieve gebreken "van noemenswaardig belang" worden vermeld; ook als deze gebreken een goedkeurende verklaring niet in de weg staan. Door het gebruik van het woord "noemenswaardig" is wederom in de accountantscontrole van de kwalitatieve gebreken een subjectief element geïntroduceerd. De beoordelingsvrijheid voor accountants is daardoor niet gering.