Vastgoedtransacties in de Europese btw
Einde inhoudsopgave
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/8.3.4:8.3.4 Praktijk lidstaten
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/8.3.4
8.3.4 Praktijk lidstaten
Documentgegevens:
mr. dr. M.D.J. van der Wulp, datum 01-07-2021
- Datum
01-07-2021
- Auteur
mr. dr. M.D.J. van der Wulp
- JCDI
JCDI:ADS291369:1
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Vrijstelling
Europees belastingrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Hierbij heb ik mij gebaseerd op de Country Tax Guides – VAT, hoofdstuk 9, paragraaf 3 van iedere afzonderlijke lidstaat van IBFD. Beschikbaar op: www.ibfd.org (geraadpleegd op 31 december 2020).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In paragraaf 8.3.2 is aan bod gekomen dat lidstaten de facultatieve sectormethode, de imperatieve sectormethode, de facultatieve gebruikmethode en/of de imperatieve gebruik-methode kunnen implementeren. In onderstaand overzicht is weergegeven voor welke afwijkende splitsingsmethode(n) de lidstaten hebben gekozen.1 Dit overzicht laat zien dat veel lidstaten één of meerdere afwijkende splitsingsmethoden geïmplementeerd hebben.
Afwijkende splitsingsmethode
Lidstaten
Facultatieve sectormethode
België, Griekenland, Italië, Kroatië, Luxemburg, Oostenrijk, Roemenië en Slovenië
Imperatieve sectormethode
België, Frankrijk, Luxemburg, Spanje1
Facultatieve gebruikmethode
België, Griekenland, Ierland, Litouwen, Luxemburg2, Portugal3, Oostenrijk4 en Spanje5
Imperatieve gebruikmethode
Denemarken, Duitsland, Ierland en Nederland
De imperatieve sectormethode geldt in Spanje indien het toepassen van de pro ratamethode leidt tot een btw-aftrek die minimaal 10% hoger is dan de btw-aftrek op basis van de sectormethode.
Is eenmaal gekozen voor de gebruikmethode, dan kan de Luxemburgse belastingdienst de belastingplichtige verplichten om die methode te blijven hanteren indien het toepassen van de pro ratamethode tot ongelijkheden leidt.
De Portugese belastingdienst kan de belastingplichtige die voor het toepassen van de gebruikmethode heeft gekozen verplichten om dit te blijven doen.
Als het toepassen van de pro ratamethode leidt tot een substantieel btw-voordeel (5% en minimaal € 75 of € 750), dan moet de belastingplichtige de gebruikmethode toepassen.
Als het toepassen van de pro ratamethode leidt tot een aftrekbaar bedrag dat 10% of hoger is dan het aftrekbare bedrag op basis van de gebruikmethode, dan moet de belastingplichtige de gebruikmethode toepassen.
In een aantal lidstaten is geen afwijkende splitsingsmethode als bedoeld in art. 173 lid 2 Btw-richtlijn in de nationale wetgeving geïmplementeerd, maar is het toepassen van een afwijkende splitsingsmethode wel mogelijk. Dit betreft Cyprus, Finland, Malta en Zweden. Ook in Bulgarije dient de btw op een gemengd gebruikt onroerend goed op grond van de jurisprudentie gesplitst te worden op basis van de gebruikmethode, hoewel deze splitsingsmethode door Bulgarije niet lijkt te zijn geïmplementeerd in de nationale wetgeving. Naar mijn mening is dit in strijd met art. 173 lid 2 Btw-richtlijn (zie paragraaf 8.3.2.3). Daarnaast laat het overzicht zien dat een aantal lidstaten die de facultatieve gebruikmethode geïmplementeerd hebben ervoor hebben gekozen om de keuzevrijheid van een belastingplichtige te beperken. Naar mijn mening is dit toegestaan, aangezien wie het meerdere mag (lees: een imperatieve gebruikmethode) ook het mindere mag.