Einde inhoudsopgave
Conversie en aandelen (VDHI nr. 149) 2018/17.1.1
17.1.1 Wat dient te worden verstaan onder garantievermogen?
mr. P.H.N. Quist, datum 01-02-2018
- Datum
01-02-2018
- Auteur
mr. P.H.N. Quist
- JCDI
JCDI:ADS371829:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie Kamp 2005, p. 343-352.
Ook wordt de term ‘hybride vermogen’ wel gebezigd. Zie ook Duffhues 2002, 59.
Kimenai 2013, p. 154.
RJ 240.244 en 240.305.
Van Geffen 2004.
Overigens kan eigen vermogen dusdanige vreemdvermogencomponenten behelzen dat het in de jaar-rekening onder vreemd vermogen dient te worden opgenomen. Dit is bijvoorbeeld het geval bij aandelen waarop verplicht moet worden terugbetaald of aandelen waarop een verplichte uitkering dient plaats te vinden totdat de inleg van de aandeelhouder is terugbetaald. Op grond van IAS 32 dient aldus ter beschikking gesteld vermogen in de jaarrekening als vreemd vermogen te worden gerubriceerd. Zie Bier 2011b, p. 154-159 en Hoogendoorn 2013, p. 90-92.
De wettelijke systematiek van Afdeling 2 van Titel 9 van Boek 2 BW is dat de passiva worden onderverdeeld in eigen vermogen (2:373 BW), voorzieningen (2:374 BW) en schulden (2:375 BW). De ‘storting’ op aandelen ten laste van het eigen vermogen behandelde ik in Deel II. De verrekening van een vordering op de vennootschap met de stortingsplicht behandel ik in dit Deel III. Er is echter nog een tussencategorie: onder diverse benamingen komen in de praktijk combinaties van eigen vermogen met componenten van vreemd vermogen voor, welke componenten een zekere achterstelling in rangorde kunnen impliceren ten opzichte van andere componenten van vreemd vermogen.1 De term die voor de som van het eigen vermogen en deze tussencategorie wordt gebruikt is doorgaans ‘garantievermogen’ of ‘aansprakelijk vermogen’. Ook de term ‘weerstandsvermogen’ wordt wel gebezigd.2 Dit is geen wettelijke terminologie. Veelal wordt met deze termen een combinatie van eigen en vreemd vermogen bedoeld waarbij de vreemdvermogencomponenten langlopend zijn en een achterstelling in rangorde hebben, zoals achtergestelde leningen.3 Als tot het garantievermogen te rekenen eigenvermogencomponenten zijn te beschouwen reserveringen ter dekking van voorzienbare toekomstige verplichtingen die worden gevormd door voorzienbare winst maar die niet als voorziening zijn aan te merken. Voorzieningen maken deel uit van het vreemd vermogen maar kunnen ook tot het garantievermogen worden gerekend nu deze als een vorm van reservering kunnen worden gezien tegen naar hun aard duidelijk omschreven verplichtingen die op de balansdatum als waarschijnlijk of als vaststaand worden beschouwd, maar waarvan niet bekend is in welke omvang of wanneer zij zullen ontstaan (artikel 2:374 lid 1 BW).
De samenstelling van het garantievermogen dient duidelijk uit de jaarrekening te blijken.4 Het is niet altijd eenvoudig aan te geven wanneer garantievermogen als eigen vermogen dan wel als vreemd vermogen dient te worden aangemerkt. Het wezenskenmerk van vreemd vermogen is dat ten aanzien van dat ter beschikking gestelde vermogen een terugbetalingsverplichting bestaat en een vergoeding voor het gebruik in de vorm van rente.5 Als garantievermogen uiteindelijk aan die criteria voldoet, is er in beginsel sprake van vreemd vermogen. Als vreemd vermogen dat als garantievermogen kan worden aangemerkt worden meestal onderscheiden achtergestelde leningen en converteerbare leningen. In beginsel prevaleert bij uitgestelde winst, latente belastingvoorzieningen en overige voorzieningen het eigenvermogenkarakter. Op converteerbare obligatieleningen kom ik hierna terug.6