Einde inhoudsopgave
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/2.4.1.1
2.4.1.1 Inleiding
mr. dr. M.D.J. van der Wulp, datum 01-07-2021
- Datum
01-07-2021
- Auteur
mr. dr. M.D.J. van der Wulp
- JCDI
JCDI:ADS291332:1
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Vrijstelling
Europees belastingrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
A.J. van Doesum, Contractuele samenwerkingsverbanden in de BTW (diss.), Deventer: Kluwer 2009, p. 28.
A.J. van Doesum, Contractuele samenwerkingsverbanden in de BTW (diss.), Deventer: Kluwer 2009, p. 37-38 en S.B. Cornielje, Fusies en overnames in de Europese BTW (diss.), Deventer: Wolters Kluwer 2016, p. 35.
Het Europese btw-stelsel is gebaseerd op een aantal uitgangspunten. Deze uitgangspunten worden ook wel de ‘wezenlijke kenmerken’ genoemd. Uit art. 1 lid 2 Btw-richtlijn zijn de volgende wezenlijke kenmerken van de Europese btw af te leiden:
de btw is een algemene, objectieve belasting (beginsel van algemene heffing);
de btw wordt op een neutrale wijze geheven (beginsel van fiscale neutraliteit);
de btw is een indirecte belasting waarbij beoogd is om consumptief verbruik te belasten (rechtskarakter).1
In de paragrafen 2.4.1.2 tot en met 2.4.1.4 ga ik achtereenvolgens op deze wezenlijke kenmerken in en toets ik in hoeverre zij bruikbaar zijn om in dit onderzoek als toetsingscriteria te dienen voor het positieve recht. Hierbij merk ik op voorhand op dat de wezenlijke kenmerken van de Europese btw nauw met elkaar samenhangen.2