Sfeerovergangen in de winstsfeer
Einde inhoudsopgave
Sfeerovergangen in de winstsfeer (FM nr. 172) 2022/6.2:6.2 Nadere invulling van het toetsingskader
Sfeerovergangen in de winstsfeer (FM nr. 172) 2022/6.2
6.2 Nadere invulling van het toetsingskader
Documentgegevens:
Mr. dr. B.F.M. Coebergh, datum 01-11-2021
- Datum
01-11-2021
- Auteur
Mr. dr. B.F.M. Coebergh
- JCDI
JCDI:ADS630420:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Heffingsbevoegdheid
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Inkomstenbelasting / Winst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals in hoofdstuk 1 aangeven, zal de toetsing plaatsvinden aan de hand van de kwaliteitseisen uit de nota Zicht op wetgeving. Dit toetsingskader heb ik in hoofdstuk 1 als volgt geconcretiseerd:
Is de uitwerking in overeenstemming met de uitgangspunten van het totaalwinstbeginsel?
Worden de voordelen op een adequate manier toegerekend aan de belaste periode?
Is er sprake van een duidelijk en praktisch toepasbaar systeem?
De eerste twee toetsen moesten nader worden ingevuld. Voor de invulling van de eerste toets moest worden bepaald wat de uitgangspunten van het totaalwinstbeginsel zijn. Dit heb ik onderzocht in hoofdstuk 2. Omdat uit de analyse uit hoofdstuk 3 bleek dat alleen de voordelen toerekenbaar aan de belaste periode onderdeel van de totaalwinst zijn, heb ik voor de toetsing nog een toevoeging gemaakt. Op basis van mijn analyse in hoofdstuk 2 en hoofdstuk 3 luidt het eerste criterium als volgt:
Is de uitwerking in overeenstemming met de uitgangspunten van het totaalwinstbeginsel, dat wil zeggen:
alleen de daadwerkelijk gerealiseerde opbrengsten en gemaakte kosten die toerekenbaar zijn aan de belaste periode behoren tot de van de totaalwinst, tenzij de hoogte van de winst is beïnvloed door het onzakelijk handelen ten behoeve van een gelieerde (rechts)persoon. De hoogte van de winst moet worden gecorrigeerd voor de effecten van dat onzakelijke handelen.
alle voordelen verkregen uit de onderneming die toerekenbaar zijn aan de belaste periode zijn onderdeel van de totaalwinst. Dit is het geval als er een milieuverband tussen de voordelen en de bedrijfsuitoefening van de onderneming is.
Op de invulling van het tweede toetscriterium kom ik hierna terug.
6.2.1 Toerekening van voordelen aan de periode waarin ze opkomen door de bedrijfsuitoefening (adequate toerekening)