De positie van aandeelhouders in beursvennootschappen
Einde inhoudsopgave
De positie van aandeelhouders in beursvennootschappen (IVOR nr. 103) 2017/8.5:8.5 Afronding
De positie van aandeelhouders in beursvennootschappen (IVOR nr. 103) 2017/8.5
8.5 Afronding
Documentgegevens:
F.G.K. Overkleeft, datum 28-05-2017
- Datum
28-05-2017
- Auteur
F.G.K. Overkleeft
- JCDI
JCDI:ADS389461:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De geschiedenis herhaalt zichzelf als regel niet, maar haar echo klinkt wel door in het heden. Veel elementen uit de huidige discussies rond corporate governance, bijvoorbeeld bepalingen over loyaliteitsregelingen uit de herziene Richtlijn Aandeelhoudersrechten, beschermingsconstructies rond de beursgang van ABN AMRO en wettelijke beperkingen aan bestuurdersbezoldiging, doen denken aan soortgelijke discussies van vijftien jaar terug. Wat mijn beschrijving en analyse van de ontwikkelingen rond de eeuwwisseling laten zien, is dat de veranderingen in het bestel van corporate governance een uitvloeisel vormde van een meergelaagd en complex proces. De in hoofdstuk 1 geciteerde korte beschrijvingen van deze periode deden dus in zoverre geen recht aan wat er zich in werkelijkheid in deze jaren heeft afgespeeld. Met deze studie is hopelijk een genuanceerd verslag van deze interessante gebeurtenissen vastgelegd. Hiermee is ook een interpretatie- en beoordelingskader gegeven voor de thans weer actueel geworden erfenis uit deze tijd, in het bijzonder bevoegdheden die indertijd in de Wet structuurregeling aan aandeelhouders zijn toegekend, de opkomst van het instrument van de Code en de jurisprudentie van de Ondernemingskamer en de Hoge Raad over overnamegeschillen en beschermingsconstructies. Het is nu aan de praktijk om te acteren op basis van de lessen voor de toekomst die uit deze geschiedenis zijn te trekken.