V-N Vandaag 2025/848
Verplaatsing BV naar Curaçao is geen misbruik om belasting te ontgaan
HR 25-04-2025, ECLI:NL:HR:2025:669
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
25 april 2025
- Zaaknummer
22/04506
22/04508
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Belastingverdragen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:668, Uitspraak, Hoge Raad, 25‑04‑2025
ECLI:NL:HR:2025:669, Uitspraak, Hoge Raad, 25‑04‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 25‑04‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 25‑04‑2025
ECLI:NL:PHR:2023:701, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 28‑07‑2023
- Wetingang
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat het hof de “initiële bewijslast” ten aanzien van zowel de subjectieve als de objectieve voorwaarde van de antimisbruikbepaling terecht op de inspecteur heeft gelegd. Het hof is daarna terecht tot de conclusie gekomen dat X2 BV is geslaagd in het tegenbewijs.
Samenvatting
X1 BV en X2 BV zijn vanaf 2007 de persoonlijke holdings van een vader en zijn zoon. X1 BV en X2 BV participeerden sinds 2007 samen met de persoonlijke houdstervennootschappen van verschillende familieleden in de in Nederland gevestigde D BV. Vader is in 2011 geëmigreerd naar Curaçao, zodat X1 BV daar ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.