De bij dode opgerichte stichting
Einde inhoudsopgave
De bij dode opgerichte stichting (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2020/6.4.1.3:6.4.1.3 Aanvaarding onder het voorrecht van boedelbeschrijving kan bestuurdersaansprakelijkheid voorkomen
De bij dode opgerichte stichting (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2020/6.4.1.3
6.4.1.3 Aanvaarding onder het voorrecht van boedelbeschrijving kan bestuurdersaansprakelijkheid voorkomen
Documentgegevens:
mr. T.F.H. Reijnen, datum 01-09-2020
- Datum
01-09-2020
- Auteur
mr. T.F.H. Reijnen
- JCDI
JCDI:ADS232393:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Erfrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Omdat de bij dode opgerichte stichting de nalatenschap van de erflater/oprichter slechts onder zeer bijzondere omstandigheden mag verwerpen, bestaat de kans dat de stichting niet kan voldoen aan haar geërfde verplichtingen. Als het bestuur daar vervolgens niet voldoende prudent mee omgaat, kan dit leiden tot bestuurdersaansprakelijkheid. Aansprakelijkheid kan spelen ingeval sprake is van wanprestatie of onrechtmatige daad van de stichting en de bestuurder daarvan een persoonlijk ernstig verwijt kan worden gemaakt, zo bleek hiervoor.
Om problemen ten aanzien van aansprakelijkheid zo veel mogelijk te voorkomen, doet het bestuur er goed aan de nalatenschap te aanvaarden onder het voorrecht van boedelbeschrijving. Zoals gezegd, wordt ten gevolge van de aanvaarding onder het voorrecht van boedelbeschrijving de vereffeningsprocedure van toepassing en is verhaal door individuele schuldeisers beperkt (artikel 4:202 BW in verbinding met artikel 4:221 lid 1 BW). Hiermee kan ‘wie het eerst komt, het eerst maalt’ worden voorkomen. De vereffeningsprocedure biedt de beste kans dat niet alleen de meest assertieve schuldeisers betaald krijgen, maar, voor zover als mogelijk, alle schuldeisers (zie hierover nader 6.4.1.1). Het risico op bestuurdersaansprakelijkheid wordt hiermee aanzienlijk beperkt. Tot slot herhaal ik dat naast de hierboven door mij beschreven grondslagen voor bestuurdersaansprakelijkheid, bestuurdersaansprakelijkheid ook nog kan ontstaan uit een onrechtmatige daad van de stichting. Deze aansprakelijkheid is echter van algemeen rechtspersoonrechtelijke aard, zodat deze buiten de onderzoeksvraag ligt.