HR, 13-05-2016, nr. 15/04484
ECLI:NL:HR:2016:840
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13-05-2016
- Zaaknummer
15/04484
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:HR:2016:840, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑05‑2016
In cassatie op: ECLI:NL:CRVB:2015:3231
Uitspraak 13‑05‑2016
Inhoudsindicatie
HR: 81.1 RO.
Partij(en)
13 mei 2016
Nr. 15/04484
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 4 september 2015, nrs. 13/608 AOW en 13/1258 AOW, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland (nr. AWB 12/3758) betreffende een besluit van de Sociale verzekeringsbank (hierna: de Svb) ingevolge de Algemene Ouderdomswet.
1. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Centrale Raad beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.
De Svb heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.
2. Beoordeling van de klachten
De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
4. Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra en J. Wortel, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 13 mei 2016.