De strafbaarstelling van arbeidsuitbuiting in Nederland
Einde inhoudsopgave
De strafbaarstelling van arbeidsuitbuiting in Nederland (SteR nr. 39) 2018/1.2:1.2 Onderzoeksvraag en deelvragen
De strafbaarstelling van arbeidsuitbuiting in Nederland (SteR nr. 39) 2018/1.2
1.2 Onderzoeksvraag en deelvragen
Documentgegevens:
mr. drs. S.M.A. Lestrade, datum 01-01-2018
- Datum
01-01-2018
- Auteur
mr. drs. S.M.A. Lestrade
- JCDI
JCDI:ADS389786:1
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Economisch strafrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Dit onderzoek richt zich op de inhoud en reikwijdte van de strafbaarstelling van arbeidsuitbuiting bezien in het licht van de grondslagen van het strafrecht alsmede internationale en Europese mensenrechten en anti-mensenhandelregelgeving. De onderzoeksvraag in deze dissertatie is de volgende:
Is de Nederlandse strafbaarstelling van arbeidsuitbuiting in artikel 273f Sr in overeenstemming met de regulerende beginselen van het strafrecht en voldoet deze aan de eisen die internationale mensenrechten en internationale en Europese anti-mensenhandelregelgeving stellen aan de inhoud en reikwijdte van strafrechtelijke arbeidsuitbuitingsverboden?
Deze vraag wordt beantwoord aan de hand van de drie boekdelen waarin de volgende vragen aan de orde komen:
I
Wat is arbeidsuitbuiting en hoe verhoudt het zich tot mensenhandel?
Op welke manier is arbeidsuitbuiting en mensenhandel strafbaar gesteld in Nederland?
II
Wat zijn de regulerende grondbeginselen van het strafrecht?
Wat zijn de verplichtingen tot het strafbaar stellen van arbeidsuitbuiting gelet op internationale mensenrechten en internationale en Europese anti-mensenhandelregelgeving?
III
Is de Nederlandse strafbaarstelling in lijn met de regulerende beginselen van het strafrecht?
Voldoet de Nederlandse strafbaarstelling aan de eisen die internationale mensenrechten en internationale en Europese anti-mensenhandelregelgeving stellen aan de inhoud en reikwijdte van de strafbaarstelling van arbeidsuitbuiting?