NJB 2014/1447:Beklag aangaande beslag art. 552a Sv en verschoningsrecht: erop gelet dat de klager als advocaat dagvaardingen voor civiele procedures valselijk heeft opgemaakt en in een civiele procedure opzettelijk gebruik heeft gemaakt van een valse schuldbekentenis, is het oordeel van de rechtbank dat de verdenking jegens de klager niet samenhangt met de kern van de werkzaamheden van een advocaat en dat die verdenking niet het vertrouwen aantast dat in de samenleving in een advocaat bij zijn optreden in gerechtelijke procedures moet kunnen worden gesteld niet begrijpelijk. Aldus ontoereikende motivering door de rechtbank dat niet gesproken kan worden van zeer uitzonderlijke omstandigheden die rechtvaardigen dat het verschoningsrecht van de klager mag worden doorbroken