Einde inhoudsopgave
Het nationale budgetrecht en Europese integratie (SteR nr. 36) 2018/10.8.1
10.8.1 In de Bondsdag
mr. S.P. Poppelaars, datum 01-01-2018
- Datum
01-01-2018
- Auteur
mr. S.P. Poppelaars
- JCDI
JCDI:ADS451684:1
- Vakgebied(en)
EU-recht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
BGBl. I 2010, nr. 19, p. 537 (7 mei 2010).
BGBl. I 2010, nr. 24, p. 627 (22 mei 2010). Zie hierover ook: Rossi 2013, p. 109-113.
Artikel 1, eerste lid, StabMechG.
Artikel 1, zesde lid, StabMechG.
Artikel 1, vierde lid, StabMechG.
Een opvallend verschil tussen beide wetten is overigens dat voor het verlenen van daadwerkelijke Griekse steun geen instemming van de budgetcommissie nodig is (de commissie hoeft slechts vooraf geïnformeerd te worden, en zelfs daarvan kan worden afgeweken), terwijl dat voor het afgeven van garanties in het kader van de EFSF wel vereist is (tenzij er sprake is van ‘dwingende redenen’). Een verklaring hiervoor kan zijn het verschil in financiële consequenties van beide wetten.
De financiële steun aan Griekenland en de oprichting van de EFSF leidden tot twee wetten. Ten eerste kwam het Gesetz zur Übernahme von Gewährleistungen zum Erhalt der für die Finanzstabilität in der Währungsunion erforderlichen Zahlungsfähigkeit der Hellenischen Republik tot stand (ook wel WährungsunionFinanzstabilitätsgesetz genoemd, afgekort tot WFStG).1 Deze wet gaf het ministerie van Financiën toestemming om voor 22,4 miljard euro garanties af te geven aan Griekenland. Ook regelde de wet dat de Bondsregering de budgetcommissie van de Bondsdag moest informeren, voorafgaand aan het toezeggen van dergelijke garanties. Slechts vanwege ‘dwingende redenen’ zou de Bondsregering hiervan kunnen afwijken. Bovendien zou de budgetcommissie per kwartaal geïnformeerd worden over verstrekte garanties.
De tweede wet, het Gesetz zur Übernahme von Gewährleistungen im Rahmen eines europäischen Stabilisierungsmechanismus (hierna: StabMechG), had een vergelijkbare strekking, maar dan ten aanzien van de EFSF.2 Het StabMechG bevatte een grens van 123 miljard euro voor garanties in het kader van het EFSF.3 De wet verklaarde een verhoging van twintig procent uitdrukkelijk mogelijk, met toestemming van de budgetcommissie van de Bondsdag.4 De Duitse staat mocht zulke garanties uiterlijk op 30 juni 2013 afgeven. De Bondsregering moest zich op grond van het StabMechG inspannen om overeenstemming te bereiken met de budgetcommissie over het afgeven van garanties.5 Net als de hiervoor besproken wet bevatte ook deze wet een ontsnappingsmogelijkheid: in het geval van ‘dwingende redenen’ zouden garanties verleend kunnen worden voordat de Bondsregering en de budgetcommissie daarover overeenstemming hadden bereikt.6