Einde inhoudsopgave
RvdW 2014/735
Verblijfsrecht van derdelander die familielid is van burger van de Unie, in lidstaat van nationaliteit van die burger. Terugkeer van burger van de Unie naar die lidstaat na verblijven van korte duur in andere lidstaat
HvJ EU 12-03-2014, ECLI:EU:C:2014:135 (O/Minister Immigratie)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie (Grote kamer)
- Datum
12 maart 2014
- Magistraten
V. Skouris, K. Lenaerts, R. Silva de Lapuerta, M. Ilešič, L. Bay Larsen, A. Borg Barthet, C.G. Fernlund, G. Arestis, J. Malenovský, E. Levits, A. Ó Caoimh, D. Šváby, M. Berger, A. Prechal, E. Jarašiūnas
- Zaaknummer
C-456/12
- Conclusie
A-G E. Sharpston
- Roepnaam
O/Minister Immigratie
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Verdragen EU
EU-recht / Algemeen
EU-recht / Rechtsbescherming
Staatsrecht / Grondrechten
Staatsrecht / Nationaliteitsrecht
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2014:135, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie (Grote kamer), 12‑03‑2014
- Wetingang
Uitleg van de artt. 20 VWEU, 21, lid 1, VWEU en 45 VWEU alsmede van richtlijn 2004/38/EG van 29 april 2004 betreffende het recht van vrij verkeer en verblijf op het grondgebied van de lidstaten voor de burgers van de Unie en hun familieleden, tot wijziging van verordening (EEG) nr. 1612/68
Essentie
O tegen minister van Immigratie van Nederland
Verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door de Raad van State (Nederland) bij beslissing van 5 oktober 2012, in de procedures O. tegen minister voor Immigratie, Integratie en Asiel en minister voor Immigratie, Integratie en Asiel tegen B.
Verblijfsrecht van derdelander die familielid is van burger van de Unie, in lidstaat van nationaliteit van die burger.Terugkeer van burger van de Unie naar die lidstaat na verblijven van korte duur in andere lidstaat.
Art. 21, lid 1, VWEU moet in die zin worden uitgelegd dat in een situatie waarin een ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.