Douanewaarde in een globaliserende wereld
Einde inhoudsopgave
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/10.6:10.6 Deelconclusie
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/10.6
10.6 Deelconclusie
Documentgegevens:
M.L. Schippers, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
M.L. Schippers
- JCDI
JCDI:ADS258738:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Accijns en verbruiksbelastingen / Algemeen
Douane (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In dit hoofdstuk stond de twaalfde deelvraag van dit onderzoek centraal dat luidt:
“In hoeverre en op welke wijze kan de transactiewaarde worden toegepast bij een verkoop voor uitvoer tussen verbonden personen in de Europese Unie?”
Het DWU staat toe dat de transactiewaarde wordt toegepast als de koper of verkoper met elkaar zijn verbonden. Voorwaarde daarbij is wel dat de verbondenheid geen invloed heeft gehad op de tussen de koper en verkoper tot stand gekomen prijs. Op verzoek van de douaneautoriteiten moet de aangever dat kunnen aantonen. Hij slaagt in zijn opdracht als hij aantoont dat de prijs de testwaarden zeer dicht benaderd. Indien de testwaarden niet voorhanden zijn, kan hij aan de hand van een onderzoek naar de omstandigheden van de verkoop aantonen dat de prijs niet door de verbondenheid van partijen is beïnvloed. In dat geval lijken de bepalingen van het DWU-wetgevingspakket er niet aan in de weg te staan dat verrekenprijsdocumentatie wordt gebruikt. Expliciete bepalingen of richtsnoeren die het echter toestaan ontbreken. Indien de aangever er niet in slaagt om aan te tonen dat er geen sprake is van prijsbeïnvloeding, zullen de douaneautoriteiten de transactiewaarde verwerpen en zal de douanewaarde overeenkomstig een alternatieve waarderingsmethode worden bepaald.
Indien verrekenprijsdocumentatie wordt gebruikt om aan te tonen dat geen sprake is van prijsbeïnvloeding, komt de vraag op of interne verrekenprijsaanpassingen retroactief in aanmerking genomen moeten worden voor het definitief vaststellen van de douanewaarde. Op grond van het Hamamatsu Photonics Deutschland GmbH tegen Hauptzollamt München-arrest lijkt dat niet mogelijk indien een normale aangifte wordt ingediend, omdat het DWU-wetgevingspakket thans niet in wettelijke bepalingen daarvoor voorziet. De enige mogelijkheid om de retroactieve verrekenprijsaanpassingen thans in aanmerking te nemen, lijkt de vereenvoudigde aangifte (onvolledige aangifte). Bij toepassing van de vereenvoudigde aangifte wordt de douanewaarde op een later moment (lees: na het moment dat de retroactieve verrekenprijsaanpassing heeft plaatsgevonden) aangegeven door middel van het indienen van een aanvullende aangifte. Onder hele bijzondere omstandigheden zou ook met de forfaitaire waarde vaststelling (artikel 73-vergunning) rekening gehouden kunnen worden met interne verrekenprijsaanpassingen, echter alleen op prospectieve wijze.
Om zekerheid te krijgen over in hoeverre een verrekenprijs(aanpassing) in aanmerking genomen kan worden voor de vaststelling van de douanewaarde kunnen inlichtingen worden aangevraagd bij de douaneautoriteiten op grond van artikel 14 DWU. Het aanvragen van een BWI, waaraan aangevers meer rechtszekerheid kunnen ontlenen dan uit inlichtingen, lijkt door de douaneautoriteiten nu nog te worden verhinderd, omdat er geen gedelegeerde handelingen door de Europese Commissie in de GDWU zijn vastgesteld.
Tegen deze achtergrond worden in het navolgende onderdeel voorstellen opgenomen voor (een nadere) juridische afstemming voor de vaststelling van de douanewaarde en de vaststelling van interne verrekenprijzen onder het DWU.