Open normen in het Europees consumentenrecht
Einde inhoudsopgave
Open normen in het Europees consumentenrecht (R&P nr. CR4) 2011/2.4.1:2.4.1 Inleiding
Open normen in het Europees consumentenrecht (R&P nr. CR4) 2011/2.4.1
2.4.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr.drs. C.M.D.S. Pavillon, datum 31-08-2011
- Datum
31-08-2011
- Auteur
mr.drs. C.M.D.S. Pavillon
- JCDI
JCDI:ADS492427:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
26.Een beding is volgens art. 3 lid 1 richtlijn oneerlijk wanneer het 'in strijd met de goede trouw, het evenwicht tussen de uit de overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen van de partijen ten nadele van de consument aanzienlijk verstoort'. Deze definitie biedt op zichzelf weinig houvast. Een bestudering van de richtlijn, de Europese documentatie, de literatuur en de rechtspraak van het HvJ leert dat de 'verstoring in het nadeel van de consument' kan worden beoordeeld door middel van:
een vergelijking met het wettelijk kader, i.e. de vergelijking met de fictieve rechtstoestand zonder het beding maar ook de toetsing aan een lijst (par. 2.4.2);
een weging van de uit het contract voortvloeiende rechten en plichten en/of de belangen van partijen (par. 2.4.3);
de vaststelling van de redelijke verwachtingen van de consument-wederpartij (par. 2.4.4).
De richtlijntekst legt duidelijk de nadruk op de weging. De overige twee toetsingsmethoden komen vooral terug in de Europese documentatie. De verschillende methoden, die elkaar aanvullen en tot op zekere hoogte overlappen, worden in deze paragraaf afzonderlijk behandeld.